Het gebedje is de leiddraad. God komt er niet meer in voor, die heb ik zelf geschrapt. De komma erna ook, want een gebed beginnen met een komma is gewoon stom.
Geef me de kalmte om te aanvaarden wat ik niet kan veranderen,
Moed om te veranderen wat ik kan veranderen.
Wijsheid om tussen deze twee onderscheid te maken.
En ik had dus punten. Niet van de Weight Watchers, maar gelukspunten. Het getal van 0 tot 10 dat aangeeft hoe gelukkig ik ben. Het is een opdracht van mijn psychologe die ik vroeger bezocht. De afspraak was dat ik een score plakte op mijn geluk. Ze mocht niet schommelen zoals mijn suiker, ze moest een lange termijn voorstellen. Dus één puntje stijgen mocht enkel indien er een duidelijke langdurige invloed was op het geluk. Het helpt mij om een realistisch beeld te behouden van hoe ik me voel. Het is een paardenmiddel tegen depressieve gevoelens. Het afgelopen jaar was er dus één keer een punt afgegaan omwille van het werk. Later kwam er ééntje bij toen ik hier begon te bloggen, de nieuwe manier van leven verder zette en nieuwe mensen leerde kennen.
En toen, een tijdje geleden was er plots een dilemma. Ik mag mijn score niet verhogen tenzij er duidelijk aanwijsbare items zijn die de teller doen stijgen. Het moeten concrete dingen zijn. En die waren er niet. Toch ben ik één punt gestegen. Ik speel dus vals. Ik vergelijk nu nog steeds het nulpunt en het maximum met een concrete periode die ik heb beleefd. De nul was een diep dal en de 10 was één jaar waar ik echt dolgelukkig was.
Ik kom terug op het gebedje. Mijn cijfer voelde al lang fout. Als ik naar de 10 keek, zat ik er te ver af. Het klopte niet met wat ik voelde. En de reden is me duidelijk gemaakt door goede vrienden. In het jaar waar ik 10 noteerde leefde Maarten nog. Dat had een invloed op het getal. Zolang ik daar mee blijf vergelijken zou ik dus nooit nog een 10 kunnen halen, want hij komt nooit terug. Daar komt het gebedje van pas. Aanvaarden wat je niet kan veranderen. Afscheid is moeilijk maar er staat een termijn op.
De 10 blijft een streefdoel en ze is niet nodig om gelukkig te zijn. Maar ik herken de waarde, ik weet wat ze voor mij betekent. Ze is heel concreet en ik hoop ze ooit weer te bereiken. Als het niet zo is, dan is dat niet erg. Maar net omdat ze zo concreet is, moest ik de score wel aanpassen. Sorry psychologe dat ik vals speel. Maar dank je vriend en vriendin omdat jullie zo duidelijk waren. Er is een puntje bij !
Als je mij niet kent, dit ben ik in 10 trefwoorden.
Ik hou van: Werner, Azerty & Querty, gadgets, Agora Software, Geox
Ik hou niet van: diabetes I, hernia, alcohol, afscheid
Posts tonen met het label afscheid. Alle posts tonen
Posts tonen met het label afscheid. Alle posts tonen
woensdag 28 december 2011
vrijdag 16 december 2011
Trots
Hier ben ik weer, maat. Ik had het beloofd hé. Allerheiligen vond ik teveel poespas dus dan ziet ge me niet. Kwestie van geen bekend volk tegen het lijf te lopen. Sorry van da bloemeke. Ik was langs de bloemenwinkel geweest. Flor Artes noemt die, da's chique genoeg voor onze buurt ;-)
Maar deze tijd van 't jaar is daar geen keus. Ik vond het niet fatsoenlijk om een bloempotje met kerstversiering hier te zetten. Dat zou niet passen. En nu zie ik dat er toch andere staan! Had ik dat geweten. Maar ja, je ziet het toch niet he. Het maakt niet zo veel uit.
Ik denk dat je trots zou zijn op mij. Je was het al de laatste maanden toen je er nog was. Alles ging weer beter. Ik had mezelf weer onder controle en het werk was weer super. Toch is het helemaal fout gegaan toen je wegging. Niet direct, een tijd later. Dan zou je niet meer trots zijn. Maar je zou me steunen en begrijpen, want dat deed je altijd.
Maar nu is het goed. Ik leerde nieuwe mensen kennen. Echt super mensen! Je zou nu weer trots zijn. Ik doe coole dingen nu. Schatten zoeken met een GPS. En schieten met een pistool! Een echt hé, niet zoals in Halo op den Xbox. Dat waren tijden he... Jij was altijd een beetje straffer. Je moest ook altijd winnen, maar dat deed je ook. En ik liet je niet winnen hoor! Je was gewoon ne krak. Je zou in 't echt ook ne krak zijn met zo'n pistool, ik weet het zeker.
Ik ben ook chronisch ziek. Zo heet dat naar 't schijnt. Maar ik pak dat goed aan denk ik. Je zou weer trots op me zijn. Je zei dat niet vaak maar ik voelde het aan. De woorden waren moeilijk maar het was overduidelijk omdat je alle details moest weten. En dan sprak de smile boekdelen. Alleen 'cool' of 'goe bezig' en ik wist wat je bedoelde.
Er komen lastige momenten volgend jaar. Jij kon daar van meespreken want je kwam mij raad vragen vroeger. Nu zou ik het graag vragen maar dat lukt niet meer. Maar ik kom alles vertellen. Beloofd.
Ik mis u, Maarten.
Maar deze tijd van 't jaar is daar geen keus. Ik vond het niet fatsoenlijk om een bloempotje met kerstversiering hier te zetten. Dat zou niet passen. En nu zie ik dat er toch andere staan! Had ik dat geweten. Maar ja, je ziet het toch niet he. Het maakt niet zo veel uit.
Ik denk dat je trots zou zijn op mij. Je was het al de laatste maanden toen je er nog was. Alles ging weer beter. Ik had mezelf weer onder controle en het werk was weer super. Toch is het helemaal fout gegaan toen je wegging. Niet direct, een tijd later. Dan zou je niet meer trots zijn. Maar je zou me steunen en begrijpen, want dat deed je altijd.
Maar nu is het goed. Ik leerde nieuwe mensen kennen. Echt super mensen! Je zou nu weer trots zijn. Ik doe coole dingen nu. Schatten zoeken met een GPS. En schieten met een pistool! Een echt hé, niet zoals in Halo op den Xbox. Dat waren tijden he... Jij was altijd een beetje straffer. Je moest ook altijd winnen, maar dat deed je ook. En ik liet je niet winnen hoor! Je was gewoon ne krak. Je zou in 't echt ook ne krak zijn met zo'n pistool, ik weet het zeker.
Ik ben ook chronisch ziek. Zo heet dat naar 't schijnt. Maar ik pak dat goed aan denk ik. Je zou weer trots op me zijn. Je zei dat niet vaak maar ik voelde het aan. De woorden waren moeilijk maar het was overduidelijk omdat je alle details moest weten. En dan sprak de smile boekdelen. Alleen 'cool' of 'goe bezig' en ik wist wat je bedoelde.
Er komen lastige momenten volgend jaar. Jij kon daar van meespreken want je kwam mij raad vragen vroeger. Nu zou ik het graag vragen maar dat lukt niet meer. Maar ik kom alles vertellen. Beloofd.
Ik mis u, Maarten.
dinsdag 1 november 2011
Allerheiligen
Het is een speciale dag. Niet omdat de klassieke betekenis van de Katholieke Kerk mij zo aanspreekt, maar het is nu eenmaal een gewoonte. Ik ga elk jaar naar het graf van mijn vader. En sinds een aantal jaren ben ik al een week op voorhand aan het piekeren of ik naar het graf van mijn ex-collega en vriend Maarten ga.
Tijdens het jaar ga ik af en toe eens langs. Niet dat ik gelovig ben, ik geloof niet dat hij naar een betere plek is heengegaan. Het zou wel gemakkelijker zijn, dan zou ik misschien troost vinden dat hij het nu goed maakt. Maar dat is niet zo.
Ik geloof ook niet dat hij kan horen wat ik zeg, hij antwoordt ook niet. Ik vind er geen verlichting en het maakt niet uit of ik daar nu naartoe ga of niet. Hij kan mijn bloemstuk niet zien en het kaartje kan ie niet lezen. En toch ga ik er naartoe. Ik ga op de bank zitten en ik word rustiger. Vaak ga ik er langs als het wat moeilijk gaat, vroeger kon ik dan zagen tegen Maarten dat er me iets dwarszat. Dan luisterde hij, en het luchtte op. Want hij had maar één woord nodig om mij te begrijpen. Soms zelfs geen enkel. Meestal wist hij wel wat er aan de hand was, voor ik nog maar een woord gezegd had. En andersom was het ook zo. Hij kon een gezicht opzetten, een uitleg doen om te zeggen dat alles OK was. Maar alleen de manier waarop zei vaak meer dan de camouflerende uitleg.
Een slimme madam heeft me gezegd dat dat misschien wel de manier is. Vroeger hadden we soms geen woorden nodig om iets te begrijpen. Misschien is dat nu nog zo. Ik heb geen woorden nodig, want die hoort ie toch niet meer. Maar die waren vroeger ook niet nodig. Misschien dat het daarom helpt. Dat het daarom nog altijd een opluchting is als ik er naartoe ga. Ik kan vanalles vertellen en soms doe ik dat ook. Hij hoort het niet, maar so what. Het lucht nog altijd op.
Maar ik hou dus niet van deze feestdag. Het voelt als een verplichting. We gaan nu eventjes naar daar, plaatsen een bloemstuk op een graf en we kunnen er tegen voor een jaar.
En ik zit dus steeds op voorhand te piekeren. Moet ik nu gaan vandaag? Ik moet toch een bloemstukje zetten met een kaartje op. Dan weten de andere mensen dat ik nog wel aan hem denk. Het kan me eigenlijk niet zoveel schelen. Ik ben er een paar keer naartoe geweest als er andere mensen waren. Familie of vrienden. Heel vervelend is dat. Iemand vroeg me of ik even alleen wou zijn aan het graf. Dat kan ik niet, dat is geforceerd en ik voel me bekeken.
Ik ben dan ook de laatste jaren niet langsgeweest op Allerheiligen. Vandaag ook niet. De komende week ga ik een bloemstuk zetten en op mijn gemak op de bank zitten. Net zoals ik dat op een normale dag tijdens het jaar soms ook doe. Geen gedoe.
Tijdens het jaar ga ik af en toe eens langs. Niet dat ik gelovig ben, ik geloof niet dat hij naar een betere plek is heengegaan. Het zou wel gemakkelijker zijn, dan zou ik misschien troost vinden dat hij het nu goed maakt. Maar dat is niet zo.
Ik geloof ook niet dat hij kan horen wat ik zeg, hij antwoordt ook niet. Ik vind er geen verlichting en het maakt niet uit of ik daar nu naartoe ga of niet. Hij kan mijn bloemstuk niet zien en het kaartje kan ie niet lezen. En toch ga ik er naartoe. Ik ga op de bank zitten en ik word rustiger. Vaak ga ik er langs als het wat moeilijk gaat, vroeger kon ik dan zagen tegen Maarten dat er me iets dwarszat. Dan luisterde hij, en het luchtte op. Want hij had maar één woord nodig om mij te begrijpen. Soms zelfs geen enkel. Meestal wist hij wel wat er aan de hand was, voor ik nog maar een woord gezegd had. En andersom was het ook zo. Hij kon een gezicht opzetten, een uitleg doen om te zeggen dat alles OK was. Maar alleen de manier waarop zei vaak meer dan de camouflerende uitleg.
Een slimme madam heeft me gezegd dat dat misschien wel de manier is. Vroeger hadden we soms geen woorden nodig om iets te begrijpen. Misschien is dat nu nog zo. Ik heb geen woorden nodig, want die hoort ie toch niet meer. Maar die waren vroeger ook niet nodig. Misschien dat het daarom helpt. Dat het daarom nog altijd een opluchting is als ik er naartoe ga. Ik kan vanalles vertellen en soms doe ik dat ook. Hij hoort het niet, maar so what. Het lucht nog altijd op.
Maar ik hou dus niet van deze feestdag. Het voelt als een verplichting. We gaan nu eventjes naar daar, plaatsen een bloemstuk op een graf en we kunnen er tegen voor een jaar.
En ik zit dus steeds op voorhand te piekeren. Moet ik nu gaan vandaag? Ik moet toch een bloemstukje zetten met een kaartje op. Dan weten de andere mensen dat ik nog wel aan hem denk. Het kan me eigenlijk niet zoveel schelen. Ik ben er een paar keer naartoe geweest als er andere mensen waren. Familie of vrienden. Heel vervelend is dat. Iemand vroeg me of ik even alleen wou zijn aan het graf. Dat kan ik niet, dat is geforceerd en ik voel me bekeken.
Ik ben dan ook de laatste jaren niet langsgeweest op Allerheiligen. Vandaag ook niet. De komende week ga ik een bloemstuk zetten en op mijn gemak op de bank zitten. Net zoals ik dat op een normale dag tijdens het jaar soms ook doe. Geen gedoe.
vrijdag 9 september 2011
Euro Millions
Ik zag net de trekking van Euro Millions op de televisie. Het bracht mooie herinneringen terug. Mijn ex-colega Maarten speelde geregeld mee met deze loterij. Hij begon vaak een aantal dagen op voorhand erover te spreken. Hoe het zou zijn als ie zou winnen. Wat zou je allemaal kunnen doen met zoveel geld?
Ik had een éénmansbedrijfje en ik werkte samen met een collega die dezelfde vorm gebruikte. Hij had Maarten in dienst genomen als bediende. Strikt genomen was Maarten dus eigenlijk niet echt mijn collega, maar in de praktijk werkten we wel elke dag samen.
Als ik met Maarten over Euro Millions sprak, kwamen we altijd uit op dezelfde discussie. Ik vond dat je met de superpot te veel geld had om nog gelukkig te kunnen zijn. Wat zou je immers doen als je alles kan kopen wat je maar wenst, en dat nog eens maal 10. Je zou geen streefdoel meer kunnen hebben.
Maarten zag dat anders. Of dat zei ie toch telkens. Hij kwam steeds uit op hetzelfde idee. Hij zou het bedrijf van zijn baas overkopen. Hij zou zelf baas spelen en de software zelf gaan verkopen zoals hij dat wou. Hij zou het beter kunnen, want nu liep er veel fout en hij zou dan wel eens tonen hoe het wel moest.
Urenlang kon Maarten fantaseren hoe het zou zijn. Hij zou mij natuurlijk als collega willen houden, want hij vond mij een goede programmeur. Wij zouden met z'n tweeën de business heel goed kunnen runnen. Beter dan hoe het nu ging. En hij zou me natuurlijk beter betalen, want ik verdiende toch wel te weinig. En hij zou me een BMW M3 cadeau doen als firmawagen. Dat was toen mijn droomauto. Hij zou mijn huis overkopen zodat ik een goede cent opzij kon zetten. Ik mocht er dan natuurlijk gratis blijven werken in het kantoorgedeelte. Hij woonde nu in dat huis, ik verhuurde het aan hem voor een vriendenprijsje.
Ik mocht nooit tussenkomen om hem te zeggen dat het niet kon, dat het nooit kon gebeuren. Ik deed het dan ook niet meer en ik ging mee in de fantasie. Het kwam uiteindelijk toch wel altijd neer op het feit dat ik wel gelijk had. Als Maarten de Euro Millions won, had hij veel te veel geld om die droom waar te maken. Hij zou met een tiende van het geld zijn droom kunnen waarmaken. Daarom besloten we altijd met te zeggen dat je beter op de Lotto speelt. Dan heb je meer kans om te winnen en de winst is wel tien keer kleiner, maar de droom kon je net zo goed financieren.
Het besluit was gemaakt. Je kon beter op de Lotto spelen. Een paar dagen later zei hij dat ie niks had gewonnen met de Euro Millions. Dus toch niet op de Lotto gespeeld? Aah neen, het was Maarten. Net even koppig als ikzelf. Wel meepraten over alles en nog wat, maar als het er op aan kwam deed ie zijn platte goesting. Me too.
Ik mis de dromen. De verspilde uren. Ik mis Maarten.
Ik had een éénmansbedrijfje en ik werkte samen met een collega die dezelfde vorm gebruikte. Hij had Maarten in dienst genomen als bediende. Strikt genomen was Maarten dus eigenlijk niet echt mijn collega, maar in de praktijk werkten we wel elke dag samen.
Als ik met Maarten over Euro Millions sprak, kwamen we altijd uit op dezelfde discussie. Ik vond dat je met de superpot te veel geld had om nog gelukkig te kunnen zijn. Wat zou je immers doen als je alles kan kopen wat je maar wenst, en dat nog eens maal 10. Je zou geen streefdoel meer kunnen hebben.
Maarten zag dat anders. Of dat zei ie toch telkens. Hij kwam steeds uit op hetzelfde idee. Hij zou het bedrijf van zijn baas overkopen. Hij zou zelf baas spelen en de software zelf gaan verkopen zoals hij dat wou. Hij zou het beter kunnen, want nu liep er veel fout en hij zou dan wel eens tonen hoe het wel moest.
Urenlang kon Maarten fantaseren hoe het zou zijn. Hij zou mij natuurlijk als collega willen houden, want hij vond mij een goede programmeur. Wij zouden met z'n tweeën de business heel goed kunnen runnen. Beter dan hoe het nu ging. En hij zou me natuurlijk beter betalen, want ik verdiende toch wel te weinig. En hij zou me een BMW M3 cadeau doen als firmawagen. Dat was toen mijn droomauto. Hij zou mijn huis overkopen zodat ik een goede cent opzij kon zetten. Ik mocht er dan natuurlijk gratis blijven werken in het kantoorgedeelte. Hij woonde nu in dat huis, ik verhuurde het aan hem voor een vriendenprijsje.
Ik mocht nooit tussenkomen om hem te zeggen dat het niet kon, dat het nooit kon gebeuren. Ik deed het dan ook niet meer en ik ging mee in de fantasie. Het kwam uiteindelijk toch wel altijd neer op het feit dat ik wel gelijk had. Als Maarten de Euro Millions won, had hij veel te veel geld om die droom waar te maken. Hij zou met een tiende van het geld zijn droom kunnen waarmaken. Daarom besloten we altijd met te zeggen dat je beter op de Lotto speelt. Dan heb je meer kans om te winnen en de winst is wel tien keer kleiner, maar de droom kon je net zo goed financieren.
Het besluit was gemaakt. Je kon beter op de Lotto spelen. Een paar dagen later zei hij dat ie niks had gewonnen met de Euro Millions. Dus toch niet op de Lotto gespeeld? Aah neen, het was Maarten. Net even koppig als ikzelf. Wel meepraten over alles en nog wat, maar als het er op aan kwam deed ie zijn platte goesting. Me too.
Ik mis de dromen. De verspilde uren. Ik mis Maarten.
woensdag 24 augustus 2011
Maarten
Men zegt vaak: tijd heelt alle wonden, maar dat doet hij niet. Men zegt dat tijd raad brengt, maar dat gebeurt niet. Ik mis u, Maarten. Nog altijd, elke dag.
Ik had dit op een kaartje geschreven en laten lamineren. Bij het graf van Maarten stond een houten paaltje met een nageltje in. Daar hingen veel kaartjes aan maar ze waren allemaal doorregend, behalve eentje. Dat was gelamineerd en dat kon je nog lezen. Daarom dacht ik, ik doe dat ook want anders is mijn kaartje na één week niet meer leesbaar. Het was bijna 2 jaar geleden dat hij gestorven was. Hij was pas 27, en ik heb hem 7 jaar gekend.
Vandaag kwam ik weer even langs. Dat paaltje is weg en de kaartjes liggen nu op het graf. Intussen zijn we meer dan 3 jaar verder en er is niets veranderd.
Ik leerde hem kennen toen hij als jonge brutale snuiter kwam vertellen dat hij 2 fouten had ontdekt in mijn software. Hij volgde de opleiding die we aan onze klanten gaven. Niet als klant, maar als nieuwe collega. Het duurde niet lang vooraleer ik doorhad dat we een geniaal manneke hadden gevonden. Hij kon heel goed overweg met software, klanten en vrouwen.
Ik kende hem 2 jaar, inmiddels woonde hij in mijn huis. Ik was verhuisd naar het appartement van mijn ventje en mijn huis stond leeg. Enkel de benedenverdieping gebruikte ik als kantoor. De rest verhuurde ik voor een vriendenprijsje aan Maarten. Eén van zijn vrienden kwam binnen en riep met een lach: zeg Maarten, ben jij wel gerust in zo'n huis met een oudere homo? Ik zei: je moet niet bang zijn, Maarten is ne knappe gast maar hij weet het zelf veel te goed. En dat is een afknapper. We hebben een goeie beet gelachen, maar zonder het te beseffen was er iets veranderd.
Maarten begon langzaam maar zeker alles te vertellen wat hij elders niet kwijt kon. We hadden vaak gesprekken die niet meer over het werk gingen. Maar wel over gevoelens, angsten, passies, dromen, liefde, sex, drank. Ik kwam op vele punten een evenbeeld van mezelf tegen en dat was eerst heel confronterend. Hij doorzag mijn truukjes om mezelf af te schermen, maar ik deed dat bij hem ook.
We hebben veel ruzie gemaakt. Meestal over het werk en de klanten. Want hij stond in direct contact met hen, en ik probeerde veel vragen te ontwijken. Maar om 18u stopte hij en zei: komaan, we gaan wat racen op de Xbox. Eén minuut had hij nodig om over te schakelen van collega naar beste vriend. Als ik zei dat ik het daar moeilijk mee had, zei hij: dat is maar werk. Let's have some fun. Elf jaar jonger, maar o zo volwassen.
Dat kaartje is nu weg, ik had vorige keer gezien dat het toch onleesbaar was geworden. Lamineren helpt dus, maar geen heel jaar. Ik dacht iets anders te schrijven maar ik weet niet wat. Ik heb niks verwerkt of aanvaard. Mijn therapeute zei ooit dat ik een ideaalbeeld had gemaakt. Dat het in 't echt wellicht niet altijd zo was. Ze zal wel gelijk hebben maar ik heb er niks aan. Een handleiding over het rouwproces zou van pas komen, want ik weet niet hoe het moet.
Ik ga voorlopig gewoon af en toe eens langsgaan en op de bank zitten. Dat schijnt soms wat te helpen.
Ik had dit op een kaartje geschreven en laten lamineren. Bij het graf van Maarten stond een houten paaltje met een nageltje in. Daar hingen veel kaartjes aan maar ze waren allemaal doorregend, behalve eentje. Dat was gelamineerd en dat kon je nog lezen. Daarom dacht ik, ik doe dat ook want anders is mijn kaartje na één week niet meer leesbaar. Het was bijna 2 jaar geleden dat hij gestorven was. Hij was pas 27, en ik heb hem 7 jaar gekend.
Vandaag kwam ik weer even langs. Dat paaltje is weg en de kaartjes liggen nu op het graf. Intussen zijn we meer dan 3 jaar verder en er is niets veranderd.
Ik leerde hem kennen toen hij als jonge brutale snuiter kwam vertellen dat hij 2 fouten had ontdekt in mijn software. Hij volgde de opleiding die we aan onze klanten gaven. Niet als klant, maar als nieuwe collega. Het duurde niet lang vooraleer ik doorhad dat we een geniaal manneke hadden gevonden. Hij kon heel goed overweg met software, klanten en vrouwen.
Ik kende hem 2 jaar, inmiddels woonde hij in mijn huis. Ik was verhuisd naar het appartement van mijn ventje en mijn huis stond leeg. Enkel de benedenverdieping gebruikte ik als kantoor. De rest verhuurde ik voor een vriendenprijsje aan Maarten. Eén van zijn vrienden kwam binnen en riep met een lach: zeg Maarten, ben jij wel gerust in zo'n huis met een oudere homo? Ik zei: je moet niet bang zijn, Maarten is ne knappe gast maar hij weet het zelf veel te goed. En dat is een afknapper. We hebben een goeie beet gelachen, maar zonder het te beseffen was er iets veranderd.
Maarten begon langzaam maar zeker alles te vertellen wat hij elders niet kwijt kon. We hadden vaak gesprekken die niet meer over het werk gingen. Maar wel over gevoelens, angsten, passies, dromen, liefde, sex, drank. Ik kwam op vele punten een evenbeeld van mezelf tegen en dat was eerst heel confronterend. Hij doorzag mijn truukjes om mezelf af te schermen, maar ik deed dat bij hem ook.
We hebben veel ruzie gemaakt. Meestal over het werk en de klanten. Want hij stond in direct contact met hen, en ik probeerde veel vragen te ontwijken. Maar om 18u stopte hij en zei: komaan, we gaan wat racen op de Xbox. Eén minuut had hij nodig om over te schakelen van collega naar beste vriend. Als ik zei dat ik het daar moeilijk mee had, zei hij: dat is maar werk. Let's have some fun. Elf jaar jonger, maar o zo volwassen.
Dat kaartje is nu weg, ik had vorige keer gezien dat het toch onleesbaar was geworden. Lamineren helpt dus, maar geen heel jaar. Ik dacht iets anders te schrijven maar ik weet niet wat. Ik heb niks verwerkt of aanvaard. Mijn therapeute zei ooit dat ik een ideaalbeeld had gemaakt. Dat het in 't echt wellicht niet altijd zo was. Ze zal wel gelijk hebben maar ik heb er niks aan. Een handleiding over het rouwproces zou van pas komen, want ik weet niet hoe het moet.
Ik ga voorlopig gewoon af en toe eens langsgaan en op de bank zitten. Dat schijnt soms wat te helpen.
Abonneren op:
Posts (Atom)
