Als je mij niet kent, dit ben ik in 10 trefwoorden.
Ik hou van: Werner, Azerty & Querty, gadgets, Agora Software, Geox
Ik hou niet van: diabetes I, hernia, alcohol, afscheid
Het is al een hele tijd moeilijk voor me om één van mijn favoriete hobby's te beoefenen. Door de rugproblemen die helaas niet meer beter worden, kan ik niet meer verder dan één kilometer wandelen en dat maakt het praktisch onmogelijk om nog geocaches te zoeken.
Of toch niet? Ik was sinds het voorjaar thuis aan het oefenen geslagen met een Chinees lockpicking setje. Bij lockpicking is het de bedoeling om een slot te openen met de hulpmiddelen die een slotenmaker gebruikt. En er zijn ook een aantal geocaches die hun schat op die manier vergrendelen.
Nu was dat eigenlijk best wel meegevallen, ik had zelf vijf sloten thuis liggen en na enkele weken kon ik er vier van openen. Slechts eentje lukte niet en dat heeft alles te maken met hoe de cilinder is gebouwd. Als er beveiligde pinnen in de cilinder zitten - spool pins, mushroom pins, serrated pins - ik ken alleen de Engelse termen van Youtube ;) - dan heb je een andere techniek nodig die ik niet onder de knie had.
Toch is dat behoorlijk goed gelukt op een tripje dat ik zopas maakte naar Nederland. Ik verbleef zes dagen in Roermond en heb in die omgeving acht slotjes gevonden, zeven daarvan heb ik overwonnen en slechts eentje bleef gesloten. Het leuke is dat vijf van de acht sloten toch beveiligde pins hadden, ik heb het dus ter plaatse toch nog geleerd.
Hier is een filmpje van de trip:
Zoals je ziet is het een echte reis geworden in plaats van een tripje. Het originele plan om twee overnachtingen te plannen werd bijgestuurd tot maar liefst vijf nachten. Ik was echt wel bang dat ik het als allereerste keer alleen op reis snel voor bekeken zou houden. Maar ik heb me echt ongelofelijk geamuseerd! Dat komt natuurlijk omdat ik zowat alles wat ik graag doe (geocaching, scooter, camping, de drone besturen en dus nu ook lockpicking) in één reis combineerde. Dat is trouwens de reden dat ik de trip alleen deed, het is niet zo dat ik niemand vond om mee te gaan.
Toen ik weer thuis was, knaagde het toch wel dat ik thuis nog steeds dat ene slot had liggen dat niet wou openen. Voor de kenners: het Yale Y110/40 slot heeft vier spool pins en één gewone pin. De eerste poging die ik thuis deed is ook meteen gelukt:
Naast het lockpicken had ik ook het plan om wat dronebeelden te maken op de reis. Dat ligt niet voor de hand als je op een trekkersplaats op een camping staat, want je hebt wellicht geen elektriciteit om je dronebatterijen op te laden.
Daar had ik op geanticipeerd door enkele Chinese elektronica componenten aan elkaar te koppelen. Het resultaat is een oplader die de telefoon (5V) , de drone (12V) en zelfs mijn laptop (19V) oplaadt met de spanning van de scooterbatterij. Dat vroeg ook wat sleutelwerk aan de scooter, maar alles werkte perfect op de trip.
Maar het was dus een succes en er is meteen een vervolgtrip gepland.
Hier is een dronevluchtje van dit weekend bij de Vlooybergtoren in Tielt-Winge. Het is een mooi stukje architectuur dat als uitkijkpunt op het hoogste punt van de omgeving werd ingeplant.
Er was een sterke wind op die heuvel, het weerstation in de buurt gaf op het moment van de opnames 24 km/u aan, en de limiet is 4 bft voor de drone (max 28 km/u) en dat merk je aan de trillingen in het beeld. Hij is er ook over gegaan, want op een bepaald moment vloog de drone weg en kon ik hem niet terug halen. Ik heb dan snel hogere luchtlagen gezocht, dat lukte nog goed, en dan veilig kunnen landen.
Maar al bij al is het beeld nog prima als je weet dat ik hier op de limiet zat van wat de kleine Bebop kan.
Als je een insulinepomp gebruikt, zal je dit probleem zeker herkennen. Er kunnen veel redenen zijn waarom je luchtbellen in je pomp, de lijn of de katheter krijgt. Je kan problemen hebben met je verbinding, misschien was je insuline te koud bij het inbrengen of misschien ken je de reden helemaal niet. Feit is dat het een groot probleem kan zijn voor je diabetesregeling.
Voor één luchtbellenprobleem gebruik ik al enkele jaren een simpele oplossing. Bij het vullen van je pomp is het vaak een heel gedoe om de laatste luchtbelletjes uit de lijn of uit het reservoir van de pomp te krijgen. Daar is dus een eenvoudige oplossing voor. Ze komt erop neer dat je zelf een luchtbel creëert even groot als zo'n 50 eenheden insuline. Het enige nadeel is dat je het reservoir niet 100% kan vullen. Voor mij is dat geen punt omdat ik weinig insuline nodig heb, 100 eenheden is meestal al voldoende voor één vulling.
Het is eenvoudig om te doen, maar niet eenvoudig uit te leggen.
Daarom heb ik het gefilmd:
Ik heb mijn scooter terug! Eindelijk, na 3 maanden is er een beslissing in mijn voordeel uitgesproken van de verzekering. Ik had een ongeval met stoffelijke en lichamelijke schade, waar ik geen schuld aan had. De wagen die ik had aangereden had een onverwacht en onaangekondigd maneuver gedaan waardoor ik hem aanreed en op de grond smakte. Op de dag van de aanrijding verontschuldigde de bestuurder van de wagen zich voor zijn fout, maar enkele dagen later kwam er een heel andere verhaal naar boven waar de schuld in mijn schoenen werd geschoven.
Alles is goed afgelopen, maar om dit in de toekomst te vermijden heb ik deze camera gemonteerd. Het is een sportcamera à la GoPro, maar dan een Chinese versie die zelfs voor die normen extreem weinig kost. Ik heb immers helemaal geen budget voor zo'n akkefietjes, maar voor 31$ kon ik nu toch moeilijk een miskoop doen. Hij neemt wel degelijk full HD op, maar je mag dat met een korreltje zout nemen. Het is een oud model dat uit de Chinese rekken moest vanwege de 15 fps (beelden per seconde) in full HD. In gewone HD haalt ie wel de normale 30fps, dus een vloeiender beeld.
Nu is het als dashcam belangrijker om scherper beeld te hebben dan wel om veel beelden per seconde te zien. Ik denk dan bijvoorbeeld aan het lezen van verkeersborden of nummerplaten, wat bij een eventueel ongeval meer nut heeft dat de vloeiende beweging van je impact te zien ;-)
De kwaliteit van het beeld is natuurlijk niet super en stukken in de verte zijn niet helemaal in focus. Toch kon ik al best wel nummerplaten herkennen en genoeg detail zien. Ook het beeld bij weinig licht valt zeer goed mee, beter zelfs dan mijn dure (maar wel heel oude) GoPro Hero 2.
Ook belangrijk is dat ie loop recording doet, dus je hoeft nooit bestanden te wissen, je hebt gewoon de laatste 2 uur beeld altijd bij.
Ik heb ook een USB laadpunt aan het stuur gemonteerd, dus batterijduur is geen probleem.
In het onderstaande filmpje zie je hem in actie. Je ziet aan het kruispunt aan de Ikea meteen dat de auto's voorbij schokken, maar ze zijn wel redelijk helder. Daar gaat het toch vooral om.
Door een positieve wind uit het noorden mag ik sinds enkele dagen even gebruik maken van de Dexcom G5. De ontvanger heb ik niet, maar dat was ook niet de bedoeling. Ik wil toch vooral zien hoe de iPhone app werkt en welke gevolgen de overstap naar de app heeft. En ik wil natuurlijk zelf ervaren of ie voldoet aan de verwachtingen, maar ik ben ook benieuwd naar de kritiek die ik al opving.
Appstores
Dat liep trouwens niet zo vlot, dat installeren van die apps. Ik gebruik het meervoud omdat Dexcom twee apps gebruikt en er ook 3rd party apps zijn die ik graag wou bekijken. Om te beginnen bestaan ze niet in de Belgische appstore omdat de G5 hier nog niet beschikbaar is. Ik zou dus de Nederlandse app kunnen installeren, maar dan moet ik mijn data in mmol/l lezen en dat is toch wat vreemd. Bovendien wil ik de data vergelijken met mijn Dexcom G4, die ik gedurende de testperiode gewoon blijf dragen. Er plakken nu dus drie klevers op mijn buik: twee sensoren en één katheter voor mijn Medtronic insulinepomp.
Maar die app dus, dat was wat vervelend. Om te beginnen ben ik virtueel naar de USA verhuisd omdat ik anders geen app kon downloaden van de Amerikaanse appstore. Dat lukte toch wonderwel mits wat manipulaties. Maar die app had één groot nadeel: ik kon de data van mijn Dexcom account die nu nog in Nederland staat, niet delen met Diasend, de software en app die bij ons de data online gaat beheren. Ik kon dan weer wél gebruik maken van het Dexcom Clarity platform, een soort light online tegenhanger van wat Dexcom Studio voor mijn G4 doet.
Daarom moest ik iets anders verzinnen, ik ben even virtueel in Duitsland gaan wonen. Zolang je e-mailadressen hebt, kan je nieuwe appstore accounts aanmaken. Ik woon eventjes in de Kerkstraat in Berlijn en zolang de postcode klopt, zag men daar geen graten in. Maar de Duitse appstore vraagt ook een Duitse kredietkaart en dat was moelijker, want die heb ik uiteraard niet. Ook dat was wel te omzeilen met een Duits GSM nummer dat ik uiteraard ook niet had. Misschien heeft iemand wel een activatiecode gekregen voor iets wat men niet meteen herkent. Soit, het werkt dus: ik gebruik nu de Duitse app, die trouwens gewoon in het Nederlands staat en dus mooi mg/dl toont.
iPhone Apps
Ik heb 4 apps kunnen testen.
Dexcom G5 app
Dexcom Follow
Diasend app
de app 'gezondheid' van Apple
en twee online platforms:
Dexcom Clarity
Diasend
De belangrijkste is natuurlijk de eerste, de Dexcom app zelf. Ik had al gehoord dat je daar vooral geen grote vernieuwingen moest verwachten, dus vragen en bemerkingen die online de ronde doen, zijn zeker niet allemaal plots geïmplementeerd. Ik denk dan aan de stijgsnelheid beter kunnen regelen, alarmen met een dag- en nachtprofiel en een voorspellend alarm zoals ik dat vroeger op de Medtronic sensoren had. Nu zijn die dingen met de jaren voor mij veel minder belangrijk, ik wil vooral een goede sensor en die had ik al met de G4.
Twee ergernissen die ook de mijne waren, zijn wel degelijk aangepakt. Om te beginnen is die (voor mij) gekke bovengrens van 400 nu eindelijk aanpasbaar naar 300 en vooral: ik kan weer netjes in het verleden kijken op de app door 24 uur terug te scrollen en de echte waarden te zien. Op de G4 kon ik wel de grafiek van 24 uur zien, maar de echte cijferwaarden niet en dat miste ik echt. Bovendien gaat dat allemaal met vlotte swipebewegingen, wat toch echt wel veel aangenamer is dan op de oude ontvanger.
Eén domme feature die ik echt wel had verwacht, zit er jammer genoeg niet in. Ik gebruik de gebeurtenissen op de G4 om bijvoorbeeld aan te geven dat ik in bad ga, zo kan mijn team zien dat die stijgingen van 100 naar 200 die erop volgen niet aan mij liggen, maar het gevolg zijn van het badwater. Ik had gehoopt dat ik de gebeurtenis 'menstruatiecyclus' niet meer nodig zou hebben zoals dat nu wel is. Mijn team vroeg zich wellicht al af waarom mijn cyclus zo onregelmatig was, maar vooral waarom een man die sowieso ingeeft ;) Ik had dus verwacht dar er nu een commentaarzone zou komen bij gebeurtenissen, omdat je in tegenstelling tot de ontvanger, op de iPhone wel een toetsenbord zou kunnen gebruiken.
Maar om te vermijden dat je de indruk krijgt dat ik de app maar niks vind, heb ik één en ander op beeld vastgelegd. Ik vind hem namelijk - buiten die paar kleinigheden - echt wel de max om mee te werken. Ook de andere apps komen even aan bod in dit filmpje:
Er is nog één punt waar je zeker rekening mee moet houden. Als je de app gebruikt, krijg je de alarmen van je telefoon. Dat wil zeggen dat het volume van je telefoon nu een belangrijk punt is. Voor mij betekent dit dat ik 's nachts niet langer de telefoon op 'stil' kan zetten, want dan zou ik ook geen alarmen horen. Dat vraagt enige aanpassing van de andere apps waar ik soms 's nachts meldingen van krijg. Ik wil niet wakker worden als een leverancier in mijn Chinese elektronicashop via zijn app een berichtje stuurt, dus die meldingen staan nu uit. Als Ellen Degeneres live is op Periscope, zal ik dat in 't vervolg ook niet meer weten. Daar lig ik niet wakker van ;-)
Online tools / Dexcom cloud
De gegevens die de zender nu uitzendt, komen in de Dexcom cloud terecht. Je kan niet langer op je eigen PC de gegevens bijhouden en lokaal bekijken met een programma zoals Dexcom Studio. Sommige mensen worden nerveus van zo'n evolutie, ik zie enkel voordelen. Al enkele jaren geef ik zelf mijn paswoord van mijn Medtronic pomp door aan mijn team zodat we nooit nog mails moeten versturen met data of dingen moeten importeren. Ze loggen gewoon in op het online platform en krijgen alle live data (voor zover ik mijn pomp heb uitgelezen natuurlijk).
Voor die online gegevens is er nu een wettelijke bepaling dat er 3 uur vertraging zit op het verzamelen van deze data. De Amerikaanse FDA (Food and Drug Administration) wil vermijden dat 3rd party software live data zou gebruiken zonder dat er goedkeuring voor is. De Dexcom apps zijn goedgekeurd door de FDA maar er bestaat dus nu die verplichting om data slechts met 3 uur vertraging door te geven aan andere software die deze goedkeuring niet heeft. Software zoals Diasend of de Gezondheid app op je iPhone loopt dus 3 uur achter op je live bloedglucosedata. De bedoeling van die apps is dan ook niet om je live te volgen, wel om trends en gemiddelden te tonen.
Dit is een screenshot van Dexcom Clarity op het Amerikaanse platform:
Ik heb begrepen dat dit bij ons (voorlopig?) niet gebruikt wordt en persoonlijk vind ik dat niet erg. Mijn eerste indruk is dat het platform (de patiënt versie dan toch) vooral gericht is op de gebruiker die snel een overzicht wil. De afwerking is heel mooi, maar naar mijn gevoel kan dit lang niet alles wat Dexcom Studio kon. Je kan PDF's downloaden met grafieken en gemiddelden, maar ze zijn niet gedetailleerd. Wellicht is de online versie voor je team uitgebreider dan dit. Ik kon dit enkel gebruiken tijdens de eerste dagen toen ik de Amerikaanse app gebruikte. De Duitse (Europese) app neemt geen gegevens over uit mijn Nederlandse account.
Bij ons zal het dus vooral Diasend worden:
Diasend is een online platform dat allerlei data kan verzamelen over je pomp, meter of sensor. Het is veel uitgebreider, en je moet wel even je weg vinden in alle tabs en alle mogelijkheden. Maar ik zie er toch erg veel mogelijkheden in, en één voordeel is op z'n minst dat je nooit nog data moet exporteren of je ontvanger aan je PC koppelen. Alles wordt live verzonden en dat maakt alles veel makkelijker.
Nauwkeurigheid
De nieuwe G5 is nauwkeuriger en er zijn wellicht genoeg studies en testen gedaan die het bevestigen. De MARD score (een percentage dat de nauwkeurigheid aangeeft) is 9.0%, waar de G4 nog 11.0% was (ik heb een hele oude G4, die is nog 13.0%). Daarmee voldoet de nieuwe G5 aan de strenge norm van 10% die voor glucosemeters wordt vooropgesteld. Ik heb begrepen dat ook nieuwe G4's het nieuwe nauwkeurige algoritme hebben. Er is immers niks gewijzigd aan de sensor zelf, enkel aan de zender en het algoritme.
Op enkele dagen kan ik zoiets natuurlijk niet testen, mede omdat ik de G4 altijd al als erg nauwkeurig heb ervaren. Maar zoals je ziet: één beeld zegt in dit geval meer dan woorden. Wellicht kan ik data verzamelen over enkele weken die het nog gaan bevestigen.
Op zich vind ik dat ook niet het belangrijkste. Als "Sugar Surfer" heb ik meer interesse in trends. En daar claimt de G5 iets anders wat ik effectief heel erg toejuich !
Dit is één foto van het eerste ontbijt met beide sensoren, maar ik zou er nog twee foto's kunnen bijplakken omdat het scenario zich in de afgelopen week meermaals heeft herhaald. Wat je ziet is dat de G5 wel degelijk sneller reageert bij stijgingen en dalingen.
In dit voorbeeld zie je niet alleen dat de vertraging korter is (de G5 stijgt iets na 6u00, de G4 rond 6u15), de curve stijgt ook sneller. Ze komen wat later wel degelijk op dezelfde waarde uit (dat zie je niet op deze foto), maar het snelheidsverschil is dus duidelijk merkbaar.
Ik heb ook op één van die dagen een vingerprik gedaan tijdens de stijging, en die zat nog wat hoger. De G5 zit hier dus dichter bij de waarheid dan de oude G4. Mijn hoog-alarm staat op 130 omdat ik wil corrigeren als het te snel gaat, en de G5 zag die grens wel 20 minuten eerder dan de G4 op deze dag.
Ook zou ie minder lang in een hypo blijven hangen, een fenomeen dat ik op de G4 vaker heb gezien. Ik kon al makkelijk een uur uit een hypo zijn voor de sensor het door had. Moest ik nog een hypo krijgen, ik zal meteen melden hoe de sensoren zich gedragen. Maar met deze twee waakhonden verwacht ik er niet gauw eentje ;-)
Bereik
Het bereik van de G5 zender wordt aangegeven als 5 of 6 meter, al naargelang de bron. Ik heb commentaar gelezen dat sommige mensen toch last hebben met de connectiviteit, dus dat de zender vaker buiten bereik is. Toch werd bij de G4 ook al 6 meter gegarandeerd, dus veel verschil zou het niet mogen maken. Als gebruiker verwacht je natuurlijk bij nieuwere technologie een verbetering en geen achteruitgang.
Er is een fundamenteel groot verschil tussen de manier waarop de G5 data verzendt. Vroeger was het een zender die geen vast protocol moest volgen omdat men zowel de zender als de ontvanger ontwikkelde. Nu is dat anders, want de zender moet nu ook aan een standaard voldoen die overeenkomt met je die van je smartphone. Die nieuwe manier heet BLE (Bluetooth Low Energy).
Ik heb zelf tijdens de eerste week één keer gezien dat de oude sensor het beter deed dan de nieuwe en dat zie je op deze foto. De ontvanger van de G4 en de iPhone lagen in de slaapkamer terwijl ik in de badkamer zat, dat is een afstand van ongeveer 6 meter maar het signaal moet dan ook door twee muren.
De oude kon dat dus goed aan, de nieuwe niet. Toch heeft ie één punt nog ontvangen, wat op z'n minst wil zeggen dat het zo'n vaart niet zal lopen. In de praktijk merkte ik al vaker dat mijn G4 een stuk verder kon uitzenden dan 6 meter. Naar mijn gevoel zal die 6 meter claim op de nieuwe nu realistisch zijn, terwijl dat bij de oude onderschat was.
Is dat dan een probleem? Natuurlijk niet. Mijn Medtronic sensor claimde vroeger een bereik van 2 meter en vaak heb ik 's nachts de verbinding verloren omdat de ontvanger (de pomp, die dus op maximum 60 cm kon liggen) het niet aankon als je onder een donsdeken lag.
Alles is dus relatief, en ik kan veilig stellen dat er voor mij voorlopig geen echt verschil is in bereik. Ik heb ook nooit de verbinding verloren zonder reden als de ontvanger (de iPhone) wél in range ligt, iets wat vroeger toch soms wel gebeurde.
Vervolg
Ik hoop de komende weken echte data te kunnen verzamelen die de G4 en de G5 kan vergelijken. Dan kan ik hier echte gegevens in plaats van momentopnamen met foto's tonen.
Dat wil zeggen dat ik beide systemen ook in één grafiek wil zien, en dat is inmiddels bijna gelukt. Ik kan in mijn eigen software die ik nog aan het schrijven ben (die ik voorlopig Dexveo heb genoemd) nu ook G5 data inlezen via een export uit Diasend. Alleen moet ik nu nog kiezen of ik de G4 of de G5 data wil tonen samen met mijn pompgegevens. Er komt dus nog één stapje: het tonen van zowel de G4 als de G5 grafiek. Echt nuttig is dat niet, want in de praktijk zal je normaal nooit twee systemen dragen. Maar nu het even wel kan, ga ik dat natuurlijk wel proberen. Just for fun :)
Tot slot kan ik alleen blij zijn met deze nieuwe ontwikkelingen. Ik kan niet wachten tot dit de nieuwe standaard wordt. Niet alleen gaan we er qua technologie flink op vooruit, ook de gegevens zijn nauwkeuriger. En voor mij persoonlijk zou het willen zeggen dat ik voortaan één toestel minder op zak moet hebben.
I need four original waypoints for my new geocache, this is number three. I made a promise to myself to always make electronic waypoints and as this is my third multicache, I'm not planning on breaking that promise yet. Now, the idea of my new multi is to go a bit further. For the final, it means using some motors and servos. For the waypoints, it means that this time I want them to really blend into the background.
I started off with this fake plant, now I'm trying to get all electronics needed to get the information displayed to the cacher in a snail house. First, let's not worry about being waterproof because it simply isn't. I may take a leap in the dark and try to place it in the woods as is. That means the pcb with display and battery is only wrapped into a heat shrink sleeve which is glued into the snail house. That's only possible if it sustains humidity, but I'm guessing that this will work.
Actually, my other caches contain all electronic waypoints in waterproof containers, but they often fail. Someone forgets to tightly close the cap or the plastic wears off, leaving the electronics exposed. I noticed that the electronics have never failed for that reason (they do fail for a lot of other reasons ;) ) but not because of humidity.
I always use plastic spray on my finished pcbs, including the batteries. The other components I use now (like Oled displays) will sustain bad weather for a long time. Again, these things are not meant to last for years, I'm glad they last one year. As a final test, I hold my finished projects under the water tap and check if they make it. Until now, they always do.
That said, this is the new challenge. I no longer use magnetic switches, so visitors won't need a magnet to activate the snail (well.. the display). I use a tilt switch, so turning them over will start the show. After it has shown its info, the chip will fall asleep and only activate when there's movement. So it doesn't matter how you place it back. I would prefer face down but I know better than that. Also, these things cannot be secured by a lock or a small chain, so they can be easily ripped. We'll see about that, I plan on making a few extra and I never had things ripped before.
Naar jaarlijkse gewoonte hebben we nog eens een uitstapje gepland. Het wordt elk jaar wat moeilijker om lange afstanden te wandelen, vandaar de keuze om dit jaar vooral verplaatsingen per boot te doen. En dan liefst een elektrisch bootje, want kajakken is ook niet zo'n goed idee.
Maar zoals je kan zien kon dat zeker de pret niet derven! De keuze is gevallen op het Nationaal Park "De Weerribben" in Overijssel. Dit was ook de eerste keer dat ik mijn nieuw speeltje, de Parrot Bebop drone, eens kon uittesten. En die is met vlag en wimpel geslaagd!
I'm planning a new geoache and the idea for the final stash is to place an ammobox with a lock. This way I can make sure that not all visitors who find the box, will be able to open it. In fact, if you don't know how to achieve the key, you won't be able to reach the logbook in the box.
Next to the hiding place, a birdhouse will hide the key. It will take some effort to make this failsafe, but that will not be the main issue. The key will be released by some intelligent circuitry that understands your "secret knock". I'm thinking something like: knock x times, wait a bit and then y times. With x and y being some numbers of the last few waypoints.
The main issue is making the motor failsafe, and this is my first effort. I think the result is great, it's strong and fast enough to let the key come out of the birdhouse fast enough (12 seconds down, 17 seconds up, the 'up' speed needs more torque and has a lower pulses per second).
I'm using a bipolar stepper motor with reduction gears. The 24 volts will be supplied by a DC-DC convertor that boosts one or two 18650 batteries (so 3.7V or 7.2V) to 24 volts. I tried one model and it works great. I can easily draw 2A current out of one battery, or 1A out of 2 batteries to make a strong enough 24V power supply that should last for 2 to 4 hours 'motor movement'.
I made this construction with a 10cm shaft holding a spindle that winds up a small chain with a key attached at the end. The shaft can rotate freely due to the two ball bearings. The rigid shaft coupler connects the shaft to the motor. This video shows how it works:
Dat er af en toe echte superdeals tussenzitten op AliExpress, dat weet ik al even. Maar deze is echt uitzonderlijk. Een microscoop echt die naam waardig die fantastisch mooi helder beeld geeft. Het leuke is dat de camera een eindje blijft verwijderd van je object en dat maakt het in mijn geval ideaal om te solderen.
De optische specs zijn heel goed, maar de technische niet. Dat is wellicht de reden waarom men hem voor 16 dollar hier van de hand doet. Maar in mijn atelier heb ik nu net geen behoefte aan een hoge resolutie scherm, en dan is die 800x600 pixels meer dan voldoende. De optische vergroting is immers loepzuiver en de ledverlichting kan je in helderheid regelen zodat je beeld meer helderheid krijgt dan wat ik door een echte (enkel optische) microscoop zie.
This geocache waypoint is supposed to really blend into the background. The fake plant is available in many geocache webshops and it comes in many different shapes. Not only the container may vary, you can also pick a plant that will suit its purpose best in the setting you have in mind. Off course, when you buy it, it comes with a small logbook and a tiny pencil to log the cache.
But my plans are usually a bit more nerdy so this thing was the ideal container for a design I had actually laying around for more than a year now. The major problem was that I just could not get ANY pixel light up in these Oled displays (dutch) that I bought in a major shopping mood.
Recently I made some serious progress in that area, especially with connecting them to Attiny 45 and Attiny 85 microcontrollers. I still use the Arduino environnement to program this, it's not necessary in this design but the vast library collection keeps me hanging on to this platform.
Anyway, this is the final result and I'm really pleased with it. I think the logo is really cool and I added an extra container to keep it a bit safe in the soil and even more important: its second container has some strong magnets glued in. These magnets will activate the magnetic switch on the lower side of the container with the display inside.
This is how it works:
Soldering
I've been improving my soldering skills for some time because these designs really need it. The Attiny 85 on this pcb is the really really small QFN package. It's only 4 by 4 millimeters in size, and it comes with 20 pins, 5 pins on each side of the chip.
The 'normal' SMD version has actual pins you can touch with a soldering iron, 1.27mm apart. This package was meant to be used with a reflow oven. There's no actual pins on the side, only on the bottom of the tiny chip. Instead of 1.27 mm , they're only 0.5 mm apart.
Now I don't have a reflow oven and I'm not planning on buying one in the near future. So I had to do this with a regular soldering iron. I bougth a soldering station with a tiny J-shaped tip and that really does the job. I actually heat the pcb pads instead of the ones on the chip. First of all, you really need a station and not a normal soldering iron. The pins on the pcb are so tiny that a slight touch of even a 25 Watt soldering iron just wipes away the small tracks.
My pcb software (freepcb) did not have a layout for this chip, so I took the datasheet and created my own. Its pads are only 0.25 by 0.80 mm. In real life, this is a really really small amount of copper and especially those pads that are not connected immediately detach from my pcb when you overheat them. With the soldering station and je J-shaped soldering iron, I keep the heat below 300°C and never had that problem again. It still takes some time, some boards and even a few chips before I got my first one really working. I have to kinda guess where the pads are, solder them one row at a time and then look through a microscope to see if they are aligned at all four edges. That took some time and practice.
PCB design
There's a tiny problem with my pcb designing technique. I used to design my own pcb, print two copies on a transparent sheet with a laser printer and glue them on top of eachother. That's a really cool way of making a 100% black pcb design which never fails. If your laser printer would leave out some tiny black dots because your room is a bit dusty (which nerd room isn't?), that does not cause any problem because you have a backup sheet on top. The chance of your printer failing to do its job on the exact same dot twice is almost non-existent.
The problem is: you have to get both sheets on top of each other 100% aligned. In this pcb design, the smallest distance between pads is 0.2 mm. It's just not humanly possible to get this design aligned on the whole sheet (I print at least 4 or 5 pcb's on one sheet, that's still a small board).
So I decided to skip that step (so only use one sheet) and try to work through the problem of the UV light touching the photoresist pcb at places that I can't predict. It worked out pretty well, it's now a combination of three things:
a smaller exposure time to UV light (2 minutes instead of 2.5 ... 3 min before)
exactly measuring off your developing solution (6 units of water + 1 unit of 10% NaOH-solution - dutch link)
The etching tank gives me a 100% control over the etching process. This is SO important when working with these tiny pcb designs. You can see the etching process happening before your very eyes, which makes it easy to get the pcb out exactly one minute after you see the image appearing. When I think it's done, I wait one extra minute. When I look under the microsope, I can see that I need this minute to completely get all copper off, if I wait another minute, some existing 6 mils traces (= 0.23 mm) will start to dissolve. The etching solution actually runs under the copper pads after a while.
As you can see, it works out pretty well.
Only this one design (out of five) had a minor defect.
I do have to check them visually before soldering, measuring them out is just too hard.
The 14 pins connector of the Oled display was also a problem. The freePCB software can't handle smaller distances than 0.1 mm. The pads are 0.625 mm apart, which makes it impossible.
So I just created my own 14 pins connector with 0.60 mm spacing, and every 4 pins I add one at 0.70 mm. If you look in detail, it looks odd, but in real life it's just about perfect (note that the picture is a 15 pins connector from another display, 0.65mm apart, skip every 2 pins, but you get the idea, right?).
Software design
As I said, it's actually an Arduino sketch which makes things happen here. I'm not putting any code here just because I don't have one single working all purpose solution. I'll be happy to mail some code if you're interested. But there were a few major obstacles.
First off all, most of the small Oled displays on this blog (and anywhere else) are driven by an I2C interface. That's a bit of an issue when using Attiny 85 chips, because these chips don't really support the interface. They do have some basic pins that can act as an I2C interface with an extra library (I use TinyWireM , M stands for Master).
Since I only have 8kB of program memory, there's just no way to use a library to drive the display (all my monochrome Oleds have a SSD1306 chip). That means I had to write my own code. It basically sends existing bitmaps that are hardcoded into program memory to the display. I actually wrote the whole Verdana 12 alphabet (uppercase and lowercase) in MS paint and copied all characters one by one. I just had to make sure my bitmaps are a multiple of 8 in height, since I'm writing bytes vertically to the display. I did the same thing with the numbers in Verdana 28. As a result, I get a nice readable font of 16 pixels high (so two lines on this 128 x 32 display) and really clear and big numbers to display coördinates of 32 bits in height (one scrolling line on this display).
One definition of one charcter would look like this:
The PROGMEM keyword is very important, it keeps this static data in program memory, otherwise it would be stored in the SRAM of the Attiny chip, which is only 512 bytes big. Its program memory (flash memory) is 8kB (see Arduino link about memory usage).
The array represents a bitmap of the character 'm' , font Verdana 12 , copied to a bitmap of 13 pixels width and 16 pixels height. This nice tool does the conversion of a monochrome bitmap to an array style notation like we need (beware of the different variable declaration that is generated).
As for now, my software only allows Verdana 12 characters to be displayed with Verdana 28 numbers. An Attiny 85 has some extra space available for a logo, the '45 does not. It even crashes when I write more than 5 lines of text in total (tricky: the compiler never says it's out of memory when adding arrays to your program memory, it compiles perfectly and then crashes once and a while. Very amusing. Not.). Although this may seem a bit of a limitation, I think it's just awesome that a tiny controller can do these amazing things with a bit of code :)
Voor een nieuwe geocache had ik het idee om een "reverse cache" te maken. Dat wil zeggen dat je de schat meteen vindt, maar hij is op slot. Je neemt de schat dus mee op pad en je doet een wandeling zoals je dat in een normale multi-cache zou doen. Het grote verschil is dat je geen GPS meer gebruikt, de doos die je vast hebt zal zelf instructies geven om telkens naar een volgend waypoint te gaan. De klassieke manier is dat de doos een aantal keer zegt hoe ver het nog is. Maar ik dacht aan enkele varianten zoals enkel de richting aangeven, af en toe zeggen "ga wat meer naar links/rechts" of woorden gebruiken zoals "koud, lauw, warm, heet" om aan te geven of je bijna aan het volgende punt bent.
Dat wil dus zeggen dat de doos redelijk slim moet zijn, minimum moet er een kompas, een GPS en een scherm in zitten. Dat heb ik dit weekend uitgetest en de resultaten zijn echt verbazend goed. Vooral van de GPS dan, met het kompas heb ik nog wat problemen omdat het te gevoelig is voor magneten in de buurt.
Maar de GPS zat nooit meer dan 3 meter naast mijn 'dure' Garmin, en dat woord 'duur' kan je hier ook schrijven als je een GPS in den Aldi had gekocht. De GPS module kost in China immers maar een goeie 10$ dus dat is bijna te verwaarlozen. De kompas chips kocht ik bulk aan 4$ voor 20 stuks, dat kan je dus helemaal negeren.
Ik heb de GPS getest in een voor mij heel bekende omgeving omdat ik wou weten of bomen veel invloed hebben op de resultaten. Je verwacht toch ergens addertjes onder 't gras als je zo'n goedkope Chinees in huis haalt. Maar die zijn er dus niet ! :)
Ik heb geprobeerd om mijn 7-segment potje in een andere vorm te gieten. In het filmpje zie je de metalen kokertjes die je vaak terugvindt als micro geocache, er zit dan een klein logboekje in of je kan er een papiertje met coördinaten in kwijt.
De uitdaging was hier vooral dat de batterij veel kleiner is en ik toch de symbolische grens van minstens 100 logs op één batterij wil behouden. Met het originele potje en dus een grotere batterij was dat geen probleem, tot nu toe heb ik nog geen platte batterijen gehad in dat soort potjes.
Om dat ook nu te vermijden is het contrast opnieuw wat lager (ik heb het ooit verhoogd in de originele potjes, maar dat verbruikt meer stroom) en de duurtijd van één weergave is verkort tot 30 seconden. Verder draait de klok van de microcontroller acht keer trager, ook dat spaart wat energie.
Ook nu is er een optie voor een kwikschakelaar maar dat was minder praktisch (te groot), dus deze wordt opnieuw geactiveerd met een magneet.
Vandaag heb ik de wandeling door de Reuzenpijp gedaan, dat is de nieuwe premetrolijn die Wommelgem met het Centraal Station zal verbinden.
Al een tijdje geleden hadden we bij TramStad tickets gekocht omdat dit toch wel een uniek moment is om eens een ondergrondse wandeling te maken door de tunnelkoker. Vanaf volgende week rijdt hier immers echt een tram.
Er was een wondermooi spektakel van gemaakt! Onderweg waren er twee korte fototentoonstellingen: eentje die de aanleg van de koker in beeld bracht en een tweede die het leven in en de mensen van Borgerhout in de kijker zet.
Maar ik wou toch ook vooral het lichtspektakel zien. En dat was écht wel de moeite, kijk maar:
Het was een heel mooi plan maar zoals dat vaker gaat, viel het in de praktijk wel wat tegen. De zuurbak die ik gebruik in de kattenkamer heeft dit bijtend product in een plastic afgesloten bak, die bak is nog eens in een extra plastic bak (enkel die bak staat op deze foto) geplaatst om eventuele lekken te voorkomen. Alles staat in een kast die ik afsluit omdat de katten deze kamer ook gebruiken.
Een bijkomend voordeel was dat ik het water in de buitenste bak kon verversen voor ik een printplaat ga etsen. Ik nam dan ook heet water, zodat de zuurbak 'au bain marie' werd opgewarmd tot 30 à 40°C. Dat was goed voor het etsproces: niet alleen ging het sneller, je kon ook vermijden dat halverwege het etsen zo vertraagt dat er geen egale etsing gebeurt. Dat is altijd een probleem trouwens, en heeft veel te maken met de printplaatjes zelf die een fotogevoelige laag hebben die soms niet erg egaal is verspreid.
Met een pompje kon ik de bak laten leeglopen, met deze warmwaterkraan kon ik de bak terug vullen.
Zo ziet die er dus vandaag uit. Iets meer dan een jaar later is alles wat nog maar een beetje metaal is aan de binnenkant van de kast helemaal weggeroest. Ik heb nochtans enkel het zuurbakje geopend als ik aan het etsen was, dus telkens een periode van één of maximum twee uur.
Dit scharnier is bijna helemaal weggeroest, het spreekt voor zich dat het zo niet verder kon.
En dit is de oplossing ! Uit China liet ik deze etstank overkomen. Ik kocht een ander zuur, dat veel minder agressief is naar andere materialen (maar wel even sterk tegen de koperlaag van printplaatjes). Het heeft een verwarmingselement en luchtbellen om alles snel te laten verlopen.
Een gigantisch voordeel: het zuur is doorzichtig en je kan nu alles perfect in 't oog houden. En je kan daar een timelapse van maken.
Ik ben er goed mee weg, met die displaytjes. Onder het motto: wat ik in China koop, wil ik nu ook zoveel mogelijk gebruiken, heb ik een andere limiet opgezocht: het dunste elektronisch waypoint.
Het doel was om het waypoint niet meer dan één centimeter diameter te maken. Omdat ik een behuizing nodig heb, zocht ik een doorzichtige plastic slangetje van één centimeter dik (binnenmaat). Dan volstaat een gat van 14 mm om de cache te verbergen en dat is iets wat makkelijk moet lukken.
De componentjes moesten dus ook juist gekozen worden. Er is geen plaats voor de microcontroller die ik normaal gebruik, dus deze is kleiner. Het displaytje is 9.5mm hoog. De batterij is de kleinste knoopcel die ik vond (9mm diameter) en ze zou in theorie 3 uur moeten meegaan (3u display 'aan' wel te verstaan). Het gele rondje is die batterij, ik kan er ook makkelijk twee of drie op elkaar monteren.
Dit keer koos ik opnieuw voor de magneetschakelaar, maar ook de kwikschakelaar was hier een optie. Nu nog die vier andere soorten displays proberen ;-)
UPDATE 27/3/2015
Ik heb de software van de Attiny aangepast. Het belangrijkste deel van het batterijverbruik (4 à 5 mA) ging naar de Attiny, terwijl de display (afhankelijk van de tekst die je toont) slechts 2 à 3 mA gebruikt. De Attiny gebruikt dus 2x zoveel als de display. Ik heb nu de Attiny in slaapmode gezet elke keer als ie tekst heeft getoond. Dus tijdens de pauze tussen de regels (telkens 2 of 4 seconden) gebruikt de Attiny geen stroom meer. Dat wil zeggen dat de levensduur van de batterij bijna drie keer langer zal zijn. Volgens de specs van de batterij is het nu dus 9u i.p.v. 3u (de batterij is 30mAh).
Het was alleen een kwestie van tijd natuurlijk vooraleer het zou lukken om zo'n mooi beeld dat je van een Oled display krijgt, ook in een potje van glucosestrips te proppen.
Let wel, niet enkel een kwestie van tijd, ook van veel moeite. Het was behoorlijk frustrerend om te merken dat van alle modellen die ik in huis had, er geen enkele display paste. Toch zijn ze allemaal heel klein, maar de onderkant van zo'n potje is nu eenmaal heel krap. Het is dus uiteindelijk de allerkleinste geworden die nog net voor het Chinese nieuwjaar geleverd werd. Daarna is het drie weken kinkloppen op AliExpress.
Ik moest alles in super kleine versies aankopen, zo was de microcontroller niet bedoeld om met de hand te solderen, maar het is gelukt. Het display'tje heeft een diameter van slechts 0.49 inch, dat is zo'n 1.2 cm. Ik krijg er wel makkelijk de nodige tekst op en wat er niet op kan, kan je laten scrollen. Da's het grote voordeel ten opzicht van een 7-segment potje. Een ander voordeel is dat je er allerhande andere tekst kan meegeven en uiteraard zijn er al nieuwe plannen in die richting.
Het potje werkt nu niet meer met een magneet, maar wel met een kwikschakelaar. Hij start dus als je het potje rechtop houdt en gaat weer in slaap als ie zijn zeg gedaan heeft. Er is dus geen probleem met hoe je het potje weer terug legt: zolang ie stil ligt, zal ie slapen.
Hoewel er enkel wat fotootjes nodig waren, ik neem die nu eenmaal in mijn 360° lightbox omdat ik niks anders heb. Een 360° filmpje was dus zeker ook een optie, ware het niet dat deze zware geocoin zich niet rechtop laat zetten zonder steun.
Vermits ik zo'n professioneel houdertje in plexiglas niet bezit, hing ik de doe-het-zelver uit en probeerde het met een paperclip. Maar dat komt later wellicht allemaal wel goed.
Vergeet nu even de paperclip en het feit dat ie daardoor niet stabiel staat. Dan moet je toch toegeven dat zo'n mooie coin echt tot zijn recht komt als je alle kanten kan zien.
Trouwens, de ambitie van de ontwerper van deze coin is hoog. Op regelmatige basis kunnen we naar het schijnt in de toekomst gelijkaardige Belgische ontwerpen vinden op de webshop http://www.GC4ALL.com.
Ik ben alvast benieuwd!
Deze grotere versie kan je zelf bewegen dankzij RotaryView
Oef! Het is dan toch eindelijk gelukt. De hele toestand sleepte al enkele maanden aan, één van de belangrijkste redenen is het feit dat onderdelen uit China lang onderweg zijn, maar mijn opzet om mijn origineel MP3 potje te verkleinen tot het in een potje van glucosestrips past, is gelukt.
Het resultaat is dus klein, maar vooral heel erg zuinig. Niet enkel voor de portemonnee (enkele dollars onderdelen) maar vooral het stroomverbruik is nu 10 tot 20 keer lager dan het vorige model. Ik weet nog steeds niet precies hoe het komt, maar wel waarom het nu dus heel goed is. Ik gebruik geen versterker, geen SD-kaartjes meer en alles kan nu op een knoopcelbatterij tot 20u muziek maken.
Let wel, dat is een theoretische berekening (het ding verbruikt slechts 6 à 7 mA stroom, met oortjes zo'n 10mA) maar één praktijktest gaf al aan dat het zeker 7 uur is. Dan was de batterij leeg (gezakt van 3.2 naar 2 Volt) en de spraak was niet meer verstaanbaar (hij was er nog wel). Hoe lang het met een volle batterij duurt (dit was een gebruikte) weet ik nog niet, maar dat wordt snel duidelijk. Ik heb ook knoopcellen in de aanbieding die 550 mAh capaciteit bezitten, de huidige slechts 180. Dat is dus desnoods nog een optie.
Technisch
De Arduino sketch werkt in de microcontroller en haalt 8-bit mono samples uit het WinBond SPI flash geheugen van 4 of 16Mb. Ik soldeer voorlopig enkel de 4Mb chips, omdat ik daar al meer dan 4 minuten geluid op kwijt kan. Ik haal maximaal een samplefrequentie van 15kHz en dat is te wijten aan de vreemde opzet van het RAM-geheugen. Elke byte die je door de D/A convertor hoort, moet uiteraard eerst uit het geheugen opgehaald worden. Maar daarvoor moet ik seriëel eerst een commando en drie adresbytes sturen, dan ontvang ik één byte antwoordjes. Je zou per pagina kunnen lezen (en dus veel hogere snelheden halen), maar dat is geen optie omdat er dan geen constante stroom aan bytes naar de D/A convertor loopt. Daar komt bij dat de Attiny85 microcontroller zonder kristal werkt om energie te sparen, en dat halveert de snelheid.
Dat stelde wel enkele praktische problemen. Een samplefrequentie van 15 kHz kan ik niet creëren. De meeste gratis software kan wel downsamplen naar hele factoren, dus van 44 kHz naar 22 kHz, maar een exacte match kon ik niet maken (het is in 't echt 15250 Hz gemeten op de oscilloscoop). Die software heb ik dus zelf geschreven in Delphi XE.
Verder moet ik de samples van de PC in de geheugenchip krijgen en ook dat is niet simpel. Ik wil dat namelijk altijd kunnen, ook als de chip gesoldeerd is, en ik heb geen plaats voor een extra RAM-connector op mijn mini printplaatje waar ik hem mee zou kunnen programmeren. De enige optie was een seriële verbinding tussen mijn Delphi programma (dat toch al draait voor de conversie) en mijn Arduino sketch. Die geeft dan commando's door aan de RAM chip om bytes op de seriële poort (USB-poort) op te slaan.
Een derde functie die ik heb moeten programmeren is een RAM-browser. Ik moet kunnen zien wat er effectief in het RAM geheugen zit om fouten te kunnen opsporen. Ik heb mijn eerste chip al opgeblazen en hoe ie zich dan gedraagt, daar word je gek van. Effectief de golf in de RAM kunnen zien, had me toen veel problemen bespaard. Maar toen ik de browser klaar had, wist ik dus meteen dat mijn chip kapot was, hoewel je nog steeds geluid kon horen (wel behoorlijk vervormd).
Nu kan ik eindelijk mijn Rondje Vlaanderen Zwijndrecht weer online brengen. Ik kan immers dit potje overal verstoppen, de vorige verstopplaats was verdwenen, alsook mijn 2.0 potje van toen. Dat is nu ineens niet zo erg meer :)
Project drie van drie in één productief weekend was het belangrijkste. Het gaat dus al een tijdje over Oled displays hier, dat heb je misschien gemerkt. Het belangrijkste is dan dat alles moet passen in het doe-het-zelf plaatje, en dat liet te wensen over.
Wat je meestal moet doen is een semi-kant-en-klare display kopen zoals ik dus ook al deed voor mijn geocache waypoint in de verkeerspaal. Dat is fijn als het vast zit in een verkeerspaal en je dus per definitie enige diefstalbeveiliging hebt. Als je een potje onder een boom wil verstoppen, is dat niet zo.
Het punt is dus dat alles zo klein, zo goedkoop en zo goed als mogelijk reproduceerbaar moet worden. Dan voldoet een kant-en-klaar printje niet. Daarom dus dit project nummer drie: de Oled display die ik op één eigen ontworpen printje met alle nodige mini SMD componentjes zelf moet solderen. Zoals je ziet is het fijn werk, de display heeft een connector waar de contacten 0.7mm uit elkaar liggen. Dat wil zeggen dat je ze niet meer per stuk met een soldeerbout kan aanraken. Dan moet je dus andere manieren proberen.
Maar dat valt al bij al reuze mee eens je wat geoefend hebt :)
Project 2 van 3 uit een productief weekend is ook klaar. Er waren al heel wat maten en vormen van 7-segment displays hier te zien en enkelen worden ten velde ook vaak gespot door geocachers. Maar tot nu toe slaagde ik er niet in om een 8 cijferige display zo klein te maken dat die bruikbaar is.
Je kan zo'n display met printplaat overal krijgen, dus daar zit niet echt een probleem. Het probleem zit hem in het feit dat die dan nog te groot zijn voor een PETling container van 2.2 cm doorsnede. Net dat is belangrijk als je de display niet wil inbouwen in een vaste constructie, maar gewoon ergens wil verstoppen ten velde. En die display die je koopt, daar zit nog geen besturing in. Je zou er een Arduino aan moeten koppelen en dan wordt je doos al snel veel te groot (en te duur en dus diefstalgevoelig).
Tot nu was er geen manier om een pcb layout zo klein te maken dat alles op één printplaatje past waar net nog een batterij aan vastzit en die net klein genoeg is om nog mee in het plastic 'flesje' te stoppen. Er is enkel plaats voor één microcontroller en die moet veel uitgangen hebben. De Attiny 2313 is een stokoud model, maar de SMD versie is net klein genoeg om in de fles te stoppen. Slechts 2 kB geheugen vroeg heel wat discipline in programmeren, ik heb 40 bytes vrij ;-)
De truuk zit hem hier: de printplaat die ik gemaakt heb, gaat nog net één stap verder dan wat normaal mogelijk is als je ze zelf maakt. De koperen verbindingen bovenaan en onderaan zijn al op de dunst mogelijke maat (10 mil = 0.254mm), maar ze liggen nu op de helft van de mogelijke afstand van elkaar (dus geen 10 mil, maar nog slechts 5 mil = 0.127 mm uit elkaar). Toen ze ontwikkeld en geëtst was, moest ik dus ook met een fijn mesje de baantjes nog eens onder mijn mini microsoopje vrijmaken, want ik zat echt duidelijk op de limiet van wat mijn etsproces aankan.
Maar het lukt, en belangrijk: het is reproduceerbaar. Nu was slechts één op vier printjes gelukt, maar ik ken nu de truuken van de foor om dat gemiddelde op te voeren.
Soit, het is het resultaat dat telt. En dat werkt ! :)