zondag 11 november 2012

De sociale drinker

Hij is altijd van de partij. Er is alleen maar een feestje nodig. En genoeg mensen om mee te kletsen en te lachen. De hele avond houdt hij het vol, zelfs de nacht en de ochtend gaan voorbij. Als laatste gaat ie weg, als de lichten aangaan of de zon er is.

Ik heb het over mij, zo'n twintig jaar geleden. Mijn studententijd was dikke fun en ik zou hem voor geen geld willen gemist hebben. Het voordeel van alleen maar nieuwe mensen ontmoeten is dat je met een nieuwe lei kunt starten. De nerd die over computers praatte wou ik niet zijn. Die was te verlegen en te saai. De nieuwe ik was joviaal en fun fun fun.

Een simpele truuk was daarvoor nodig. Toen was dat Hoegaarden en het jaar daarna Rodenbach. Niet dat mijn smaak was veranderd, maar het wel gezelschap. De studentenclub van Rodenbach had enkel één vereiste: Rodenbach drinken. Dat ingangsexamen kon ik met succes beëindigen. En het was fun. Dikke fun. We lachten, feestten en zongen. Dat laatste was de core business van de club. Cantussen thuis en op verplaatsing. We gingen zelfs op uitstap naar de brouwerij in Roeselare.

Maar ikzelf was niet veranderd. Alleen door de Rodenbach was ik zoals ze mij kenden in de club. Zonder Rodenbach was ik een verlegen nerd die over computers praatte. Ik weet dat nog maar enkele jaren, maar het probleem was een laag zelfbeeld en een minderwaardheidscomplex.

De sociale drinker is voor ons een mythe. Ik weet het, ik kan dat gemakkelijk zeggen omdat ik niks meer drink. Iedereen aan onze AA tafel is het ermee eens, maar ook dat zal andere mensen worst wezen. Ik kan het natuurlijk nooit vertellen in gezelschap, want ik weet dat iedereen steigert bij de gedachte.

Toch komt het idee niet van onze tafel, wel van de twee psychologen die ik daarvoor frequent heb bezocht. De arbeider die elk weekend zijn zorgen verdrinkt samen met zijn kameraden op café is geen alcoholist. Dat is wat sociaal aanvaard is. De eenzaat die thuis evenveel drinkt zonder kameraden is het wel. Dat is niet sociaal aanvaard.

Bij mij was het ook zo. Mijn eerste psycholoog zei: neem de sociale component weg en kijk of je nog drinkt. Hij maakte een simpele rekensom:

sociale drinker - sociaal = drinker

Studenten studeren af en vrienden trouwen en krijgen kinderen. En ik dronk nog. Niet even veel, maar het was er nog. Ik moest dat doen om te zijn wie ik wou zijn. Het is heel moeilijk om het onderscheid te maken. Wanneer is het problematisch en wanneer niet? En de psycholoog had ook daar een simpele truuk. Als het je enige hobby is, is het niet goed. Ze was verweven in een sociale hobby, maar ze was de meest cruciale component. Een studentenleven met Cola Zero lukt niet. Een voetbalclub, een carnavalstoet of zelfs een biljartclub vaak ook niet.

Ik heb er een woordje bijgezet. De sociale drinker is de sociaal aanvaarde drinker. Ik weet dat dat pijn doet. Ik werd woest toen men het mij wou wijsmaken. De helft van onze AA tafel ook, want ze dronken nooit alleen. Maar ze zijn het wel met me eens.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen