Van mijn geocache zoektocht van vandaag heb ik een "videoclip" gemaakt. De schat lag verborgen in Antwerpen op een niet erg toeristische plek.
En toch kan je er overnachten :-)
Als je mij niet kent, dit ben ik in 10 trefwoorden.
Ik hou van: Werner, Azerty & Querty, gadgets, Agora Software, Geox
Ik hou niet van: diabetes I, hernia, alcohol, afscheid
woensdag 14 maart 2012
dinsdag 13 maart 2012
Kotbaas
Wie heeft er nog een kotbaas? Nee, ik al lang niet meer. Het is inmiddels 17 jaar geleden dat ik nog een studentenkamer had in Antwerpen. Toch heb ik nog steeds contact met mijn toenmalige kotbaas en kotmadam. Zo noemen we hen, we gebruiken nooit hun voornamen.
Het heeft trouwens jaren geduurd voor we wisten hoe ze echt heetten. De studenten waren er af en toe wel mee bezig. Hij zou de kotbaas nu heten? En de kotmadam? Het bleef lang een goed bewaard geheim. Ik heb me altijd afgevraagd waarom eigenlijk, want hun bedoeling was zeker niet om afstand te creëren. Je kon de situatie op mijn studentenkot vergelijken met de serie "de kotmadam". Eén verschil wel: ze woonden er niet.
Maar elke maandag werd er gepoetst. De kotmadam deed haar ronde en probeerde de studenten niet te storen. Dat lukt meestal niet. Ze waren allebei erg begaan met de studenten en een praatje slaan lukte altijd. Ook de kotbaas kon dat erg goed. Als er mankementen waren van technische aard, moest je bij hem zijn. De gemeenschappelijke keuken zorgde voor een hechte band tussen de inwonende studenten. Het ene jaar lukte dat beter dan het andere, soms botste het ook wel eens. Dan hadden we twee scheidsrechters die neutraal waren. Ze kwamen dan de puntjes op de "i" zetten.
Ik heb altijd een goeie band gehad met beiden. Tot op vandaag heb ik ook nog contact met hen. Af en toe komen we bij hen langs en dan wordt er een hapje gegeten en een avond gevuld met verhalen van toen. Ook mijn ventje is er dan bij. Dat was ook raar in het begin, want de periode op kot zat ik nog in de kast. Toch werd er nooit een probleem over gemaakt of iets in vraag gesteld. Ze zijn dan wel een jaartje ouder, maar het contact met jonge studenten heeft hen jong van geest gehouden.
Deze week kreeg ik telefoon. Er was een probleem geweest met de gezondheid dat enkele maanden heeft aangesleept. Het was ernstig en er was een ingreep nodig geweest. Nu is het beter en het is niet levensbedreigend. Ik vind het mooi dat die band er is. Elke maand word ik ook op de hoogte gehouden met de "kotkrant", een elektronische nieuwsbrief die het kotleven van nu samenvat. Maar binnenkort gaan we weer eten. Dit keer komen ze bij ons op bezoek. Ons appartement wilden ze wel eens zien. En het moet niet altijd van één kant komen, natuurlijk.
Het heeft trouwens jaren geduurd voor we wisten hoe ze echt heetten. De studenten waren er af en toe wel mee bezig. Hij zou de kotbaas nu heten? En de kotmadam? Het bleef lang een goed bewaard geheim. Ik heb me altijd afgevraagd waarom eigenlijk, want hun bedoeling was zeker niet om afstand te creëren. Je kon de situatie op mijn studentenkot vergelijken met de serie "de kotmadam". Eén verschil wel: ze woonden er niet.
Maar elke maandag werd er gepoetst. De kotmadam deed haar ronde en probeerde de studenten niet te storen. Dat lukt meestal niet. Ze waren allebei erg begaan met de studenten en een praatje slaan lukte altijd. Ook de kotbaas kon dat erg goed. Als er mankementen waren van technische aard, moest je bij hem zijn. De gemeenschappelijke keuken zorgde voor een hechte band tussen de inwonende studenten. Het ene jaar lukte dat beter dan het andere, soms botste het ook wel eens. Dan hadden we twee scheidsrechters die neutraal waren. Ze kwamen dan de puntjes op de "i" zetten.
Ik heb altijd een goeie band gehad met beiden. Tot op vandaag heb ik ook nog contact met hen. Af en toe komen we bij hen langs en dan wordt er een hapje gegeten en een avond gevuld met verhalen van toen. Ook mijn ventje is er dan bij. Dat was ook raar in het begin, want de periode op kot zat ik nog in de kast. Toch werd er nooit een probleem over gemaakt of iets in vraag gesteld. Ze zijn dan wel een jaartje ouder, maar het contact met jonge studenten heeft hen jong van geest gehouden.
Deze week kreeg ik telefoon. Er was een probleem geweest met de gezondheid dat enkele maanden heeft aangesleept. Het was ernstig en er was een ingreep nodig geweest. Nu is het beter en het is niet levensbedreigend. Ik vind het mooi dat die band er is. Elke maand word ik ook op de hoogte gehouden met de "kotkrant", een elektronische nieuwsbrief die het kotleven van nu samenvat. Maar binnenkort gaan we weer eten. Dit keer komen ze bij ons op bezoek. Ons appartement wilden ze wel eens zien. En het moet niet altijd van één kant komen, natuurlijk.
maandag 12 maart 2012
Het is zo erg
Ik weet niet of er een exacte term voor bestaat. Maar het is wijdverspreid en ik kom dagelijks mensen die tegen er last van hebben.
Op de algemene vergadering van ons appartementsgebouw werd er geklaagd. Dat is op zich niet nieuw, en zeker niet uniek aan ons gebouw. Maar eentje viel weer erg op. De liftdeur van de laatste traphal is een ouderwets model. Alle liftdeuren zijn oude modellen, maar dit is een specialleke. Je moet de deur met de hand openschuiven en daarna zelf weer dichtschuiven. Dat gebeurt niet automatisch. Als iemand dat vergeet werkt de lift niet meer. Ze kan immers moeilijk bewegen als de deur openstaat, dat is een scenario voor een horrorfilm. Ik neem die lift nu bijna 2 jaar. Niet elke dag, soms neem ik ook de andere lift in de volgende traphal. Maar vaak de deze, want ze komt uit in mijn deel van het appartement. Allee, mijn kantoor dus hè ;-)
De onderbuurvrouw zegt op de vergadering dat ze minstens een keer of 3 per week de trap moeten nemen omdat de liftdeur open blijft staan. Ik kan statistisch aantonen dat dat onmogelijk is. Als ze 3 keer per week de lift mist, zou ik dat in twee jaar ook minstens enkele keren moeten hebben meegemaakt. Toch is dat niet zo. Ik weet dus dat ze liegt. En toch zegt ze het.. elke keer weer.
Een andere buurvrouw, in het gebouw naast het onze (waar we vroeger woonden) klaagt over waterinsijpeling in de ondergrondse garage. Ze heeft een punt, want er is daar inderdaad soms een probleem. Maar ze gebruikt als argument dat haar wagen beschadigd is door die insijpeling. Ik probeer me dat scenario in te beelden. Er zijn enkele mogelijkheden. De insijpeling kan zo hevig zijn dat haar wagen door de extreme watervloed tegen de betonnen muur van de garage is gebotst. Of misschien is de insijpeling zure regen die de lak van de wagen heeft weggevreten. In elk geval, ze gebruikt het als argument. En ze bloost niet, ze is overtuigd van haar gelijk. Ook daar is het een verhaal dat zich herhaalt. Het zit ingebakken in haar karakter en het komt boven in elk woord dat ze uitspreekt. Het is altijd slecht met haar. Alles is oneerlijk en andere mensen houden nooit rekening met haar.
Het is een raar fenomeen en het valt nog niet lang op. Maar sinds een tijdje zie ik het meer. Misschien omdat ik zelf probeer een positievere kijk te vinden dat ik het nu meer merk. Maar ik kan er in elk geval niet weg mee. Het enige wat je kan doen is hen weinig aandacht geven, even knikken en verder wandelen :-)
Op de algemene vergadering van ons appartementsgebouw werd er geklaagd. Dat is op zich niet nieuw, en zeker niet uniek aan ons gebouw. Maar eentje viel weer erg op. De liftdeur van de laatste traphal is een ouderwets model. Alle liftdeuren zijn oude modellen, maar dit is een specialleke. Je moet de deur met de hand openschuiven en daarna zelf weer dichtschuiven. Dat gebeurt niet automatisch. Als iemand dat vergeet werkt de lift niet meer. Ze kan immers moeilijk bewegen als de deur openstaat, dat is een scenario voor een horrorfilm. Ik neem die lift nu bijna 2 jaar. Niet elke dag, soms neem ik ook de andere lift in de volgende traphal. Maar vaak de deze, want ze komt uit in mijn deel van het appartement. Allee, mijn kantoor dus hè ;-)
De onderbuurvrouw zegt op de vergadering dat ze minstens een keer of 3 per week de trap moeten nemen omdat de liftdeur open blijft staan. Ik kan statistisch aantonen dat dat onmogelijk is. Als ze 3 keer per week de lift mist, zou ik dat in twee jaar ook minstens enkele keren moeten hebben meegemaakt. Toch is dat niet zo. Ik weet dus dat ze liegt. En toch zegt ze het.. elke keer weer.
Een andere buurvrouw, in het gebouw naast het onze (waar we vroeger woonden) klaagt over waterinsijpeling in de ondergrondse garage. Ze heeft een punt, want er is daar inderdaad soms een probleem. Maar ze gebruikt als argument dat haar wagen beschadigd is door die insijpeling. Ik probeer me dat scenario in te beelden. Er zijn enkele mogelijkheden. De insijpeling kan zo hevig zijn dat haar wagen door de extreme watervloed tegen de betonnen muur van de garage is gebotst. Of misschien is de insijpeling zure regen die de lak van de wagen heeft weggevreten. In elk geval, ze gebruikt het als argument. En ze bloost niet, ze is overtuigd van haar gelijk. Ook daar is het een verhaal dat zich herhaalt. Het zit ingebakken in haar karakter en het komt boven in elk woord dat ze uitspreekt. Het is altijd slecht met haar. Alles is oneerlijk en andere mensen houden nooit rekening met haar.
Het is een raar fenomeen en het valt nog niet lang op. Maar sinds een tijdje zie ik het meer. Misschien omdat ik zelf probeer een positievere kijk te vinden dat ik het nu meer merk. Maar ik kan er in elk geval niet weg mee. Het enige wat je kan doen is hen weinig aandacht geven, even knikken en verder wandelen :-)
zondag 11 maart 2012
Not Found
Dat is niet leuk. De schat niet gevonden. Sterker nog, de eerste twee waypoints hebben we gevonden en dan liepen we dus vast. We hadden nochtans ogen genoeg vandaag op de geocache wandeling. En voor de eerste keer ging mijn ventje ook eens mee. Het bos waar de tips verstopt zitten had een groot onderhoud nodig. Daarom was er overal veel hout gesnoeid en wij denken dat het bosbeheer een gouden tip mee heeft weggesnoeid.
Aan de inspanning zal het zeker niet gelegen hebben. We hebben echt wel ons best gedaan om goed te zoeken naar tip 3. Maar helaas, geen ijzeren plaatje, geen coördinaten die ons verder op weg konden helpen. En dan moet je dus stoppen. Aan een tak van een struik hing een leiband van een hond. Op die leiband stond een GSM nummer en vanaf het moment dat mijn ventje die gevonden had, begon de groepssessie logisch denken. Zou je dat nummer toch moeten bellen? Het is niet logisch, want het is een nummer en geen coördinaten. De instructies zeiden dat je enkel ijzeren plaatjes met coördinaten moest zoeken. En de cache had geen grote score qua moeilijkheid. We beslissen om niet te bellen.
Maar na drie kwartier zoeken en zelfs online gaan om meer tips te vinden is dat dan toch het laatste wat je probeert. Mijn ventje durft het aan. Hij belt het GSM nummer en krijgt een dame aan de lijn. In lange volzinnen moet hij uitleggen dat we een schat aan het zoeken zijn en dat we denken dat de leiband misschien een tip is. De lange volzinnen zijn nodig want de dame valt echt uit de lucht. Ze heeft de leiband daar toevallig kwijtgespeeld en hij heeft dus niets met de schat te maken.
Met de nodige moeite wordt het gesprek beëindigd. De dame was blijkbaar de kluts kwijt en weet niet goed wat ze moet denken van het telefoongesprek. Nog geen 5 minuten later belt ze terug. Of we de leiband willen meebrengen en waar zij die kan komen afhalen. Dat we in Antwerpen wonen is moeilijk te begrijpen blijkbaar. Dat er geen organisatie achter zit ook. Blijkbaar denkt ze dat er ergens een dienst toerisme moet zijn waar ze dan de leiband kan oppikken. Mijn ventje heeft alle moeite om uit te leggen dat het zo niet werkt. En op de vraag waar hij ligt kan hij enkel zeggen: in een bos in Westmalle, maar waar we nu precies zijn? Tja.. we hebben wel de GPS coördinaten, maar de dame kan daar wellicht niks mee.
Jammer dat we de schat niet vonden. We gaan de persoon die hem daar heeft gelegd wel informeren, want wellicht is er toch iets mis. Het verzamelde gezelschap heeft immers heel wat ervaring en de cache was niet moeilijk. Maar het is jammer dat het gebeurt op je eerste geocache. We zijn nog wel een lekkere hap gaan eten en een flesje wijn werd gekraakt. Cola Zero was er gelukkig ook. Ik vond het een hele leuke dag. En de schat vinden we ooit nog wel :-)
Aan de inspanning zal het zeker niet gelegen hebben. We hebben echt wel ons best gedaan om goed te zoeken naar tip 3. Maar helaas, geen ijzeren plaatje, geen coördinaten die ons verder op weg konden helpen. En dan moet je dus stoppen. Aan een tak van een struik hing een leiband van een hond. Op die leiband stond een GSM nummer en vanaf het moment dat mijn ventje die gevonden had, begon de groepssessie logisch denken. Zou je dat nummer toch moeten bellen? Het is niet logisch, want het is een nummer en geen coördinaten. De instructies zeiden dat je enkel ijzeren plaatjes met coördinaten moest zoeken. En de cache had geen grote score qua moeilijkheid. We beslissen om niet te bellen.
Maar na drie kwartier zoeken en zelfs online gaan om meer tips te vinden is dat dan toch het laatste wat je probeert. Mijn ventje durft het aan. Hij belt het GSM nummer en krijgt een dame aan de lijn. In lange volzinnen moet hij uitleggen dat we een schat aan het zoeken zijn en dat we denken dat de leiband misschien een tip is. De lange volzinnen zijn nodig want de dame valt echt uit de lucht. Ze heeft de leiband daar toevallig kwijtgespeeld en hij heeft dus niets met de schat te maken.
Met de nodige moeite wordt het gesprek beëindigd. De dame was blijkbaar de kluts kwijt en weet niet goed wat ze moet denken van het telefoongesprek. Nog geen 5 minuten later belt ze terug. Of we de leiband willen meebrengen en waar zij die kan komen afhalen. Dat we in Antwerpen wonen is moeilijk te begrijpen blijkbaar. Dat er geen organisatie achter zit ook. Blijkbaar denkt ze dat er ergens een dienst toerisme moet zijn waar ze dan de leiband kan oppikken. Mijn ventje heeft alle moeite om uit te leggen dat het zo niet werkt. En op de vraag waar hij ligt kan hij enkel zeggen: in een bos in Westmalle, maar waar we nu precies zijn? Tja.. we hebben wel de GPS coördinaten, maar de dame kan daar wellicht niks mee.
Jammer dat we de schat niet vonden. We gaan de persoon die hem daar heeft gelegd wel informeren, want wellicht is er toch iets mis. Het verzamelde gezelschap heeft immers heel wat ervaring en de cache was niet moeilijk. Maar het is jammer dat het gebeurt op je eerste geocache. We zijn nog wel een lekkere hap gaan eten en een flesje wijn werd gekraakt. Cola Zero was er gelukkig ook. Ik vond het een hele leuke dag. En de schat vinden we ooit nog wel :-)
zaterdag 10 maart 2012
Eat, sleep, ...
... Geocache !
Onder het motto: ik wil een t-shirt van alles wat ik leuk vind heb ik deze besteld
Ik heb blijkbaar de neiging om een t-shirt te bestellen als ik iets leuk vind. Iemand moest me daar op attent maken, want dat had ik dus niet door. Alleen is de maat nog een gokje. Je kan dat online niet passen en de afmetingen staan er wel bij, maar het blijft moeilijk. Ik heb mijn maten genomen en kwam uit op een Medium. Laten we zeggen dat dat komt omdat de site Amerikaans is want zo mager ben ik echt nog niet.
En nu nog veel meer geocachen dan. Anders kan ik de spreuk helemaal niet waarmaken. Ik heb er nu ocharme 19 gedaan. Maar deze week volgt er minstens ééntje hier dichtbij, misschien twee. En volgende week zaterdagavond doen we een nachtcache, dat is ook nieuw. Ik moet nu gauw naar de 100 gaan, anders maak ik de spreuk niet waar ;-)
Onder het motto: ik wil een t-shirt van alles wat ik leuk vind heb ik deze besteld
Ik heb blijkbaar de neiging om een t-shirt te bestellen als ik iets leuk vind. Iemand moest me daar op attent maken, want dat had ik dus niet door. Alleen is de maat nog een gokje. Je kan dat online niet passen en de afmetingen staan er wel bij, maar het blijft moeilijk. Ik heb mijn maten genomen en kwam uit op een Medium. Laten we zeggen dat dat komt omdat de site Amerikaans is want zo mager ben ik echt nog niet.
En nu nog veel meer geocachen dan. Anders kan ik de spreuk helemaal niet waarmaken. Ik heb er nu ocharme 19 gedaan. Maar deze week volgt er minstens ééntje hier dichtbij, misschien twee. En volgende week zaterdagavond doen we een nachtcache, dat is ook nieuw. Ik moet nu gauw naar de 100 gaan, anders maak ik de spreuk niet waar ;-)
vrijdag 9 maart 2012
Huizenjacht
Ik ben op huizenjacht geweest. Niet om iets nieuw te zoeken, neen. We zitten nu wel goed waar we zitten. Ik heb alle huizen opgezocht nu Google Streetview bestaat. Alle 11 plaatsen waar ik ooit gewoond heb. Ja, het zijn er dus 11. Daar had ik al eens een blogpagina van gemaakt.
Maar het geeft een heel vreemd gevoel, om die allemaal terug te zien. Ik hou ze bij voor mijn archief.
Het eerste huis in Merksplas waar ik bijna 20 jaar gewoond heb. Hier ben ik opgegroeid.
Hier woonden we ook, mijn moeder had hier een wolwinkel/breiwinkel in Beerse.
Na het huis in Merksplas, zijn we naar een woonwijk in Merksplas verhuisd voor enkele jaren.
Mijn eerste studentenkamer in Antwerpen. Daar heb ik vijf jaar "gewoond".
Dat werd te klein, en ik ging 3 kamers huren boven het café waar ik DJ was.
Ondertussen kochten mijn ouders dit huis in Meerhout. Ik woonde er in 't weekend en mijn moeder woont er nu nog.
Mijn eerste appartement dat ik huurde in Antwerpen. Ik was net student-af en had werk gevonden. Ik heb er niet lang gewoond.
Mijn eerste huis dat ik kocht in Antwerpen. Mijn huis was het grijze. Het was vroeger een pralinewinkel. De garage en de achterliggende kamers van het huis ernaast hoorden er ook bij. Het was enorm groot. Ik woonde er alleen, voor ik mijn ventje leerde kennen. Ik heb er eerst gewoond en gewerkt, daarna gebruikte ik het gelijkvloers als kantoor en verhuurde ik de verdiepingen aan Maarten.
Ik leerde Werner kennen en hij had hier net een appartement gekocht. Ik verhuurde mijn huis en kwam bij hem wonen.
Een paar jaar later verkocht ik mijn huis in Antwerpen. Maar dan had ik geen kantoor meer. Ik kocht het gelijkvloerse kantoor hier in Hoboken. Ik heb er ook wel wat "gewoond" want ik sliep er vaak en voelde me er zeker thuis, hoewel ik nog bij Werner woonde.
En dit is nu. De 9de verdieping (eigenlijk de 10e, met tussenverdieping) achteraan. Megagroot en high in the sky. Appartement en kantoor, alles in één.
Voilà, that's it. Een hele boel als je dat zo ziet. Wacht, er is er nog ééntje over...
Dit kon ik niet laten. Dit is mijn droomhuis. Het bestaat niet echt, zoals je ziet is hier een nachtwinkel. Maar in mijn dromen woon ik er bijna. Er is nog wel werk aan :-)
Maar het geeft een heel vreemd gevoel, om die allemaal terug te zien. Ik hou ze bij voor mijn archief.
Het eerste huis in Merksplas waar ik bijna 20 jaar gewoond heb. Hier ben ik opgegroeid.
Hier woonden we ook, mijn moeder had hier een wolwinkel/breiwinkel in Beerse.
Na het huis in Merksplas, zijn we naar een woonwijk in Merksplas verhuisd voor enkele jaren.
Mijn eerste studentenkamer in Antwerpen. Daar heb ik vijf jaar "gewoond".
Dat werd te klein, en ik ging 3 kamers huren boven het café waar ik DJ was.
Ondertussen kochten mijn ouders dit huis in Meerhout. Ik woonde er in 't weekend en mijn moeder woont er nu nog.
Mijn eerste appartement dat ik huurde in Antwerpen. Ik was net student-af en had werk gevonden. Ik heb er niet lang gewoond.
Mijn eerste huis dat ik kocht in Antwerpen. Mijn huis was het grijze. Het was vroeger een pralinewinkel. De garage en de achterliggende kamers van het huis ernaast hoorden er ook bij. Het was enorm groot. Ik woonde er alleen, voor ik mijn ventje leerde kennen. Ik heb er eerst gewoond en gewerkt, daarna gebruikte ik het gelijkvloers als kantoor en verhuurde ik de verdiepingen aan Maarten.
Ik leerde Werner kennen en hij had hier net een appartement gekocht. Ik verhuurde mijn huis en kwam bij hem wonen.
Een paar jaar later verkocht ik mijn huis in Antwerpen. Maar dan had ik geen kantoor meer. Ik kocht het gelijkvloerse kantoor hier in Hoboken. Ik heb er ook wel wat "gewoond" want ik sliep er vaak en voelde me er zeker thuis, hoewel ik nog bij Werner woonde.
En dit is nu. De 9de verdieping (eigenlijk de 10e, met tussenverdieping) achteraan. Megagroot en high in the sky. Appartement en kantoor, alles in één.
Voilà, that's it. Een hele boel als je dat zo ziet. Wacht, er is er nog ééntje over...
Dit kon ik niet laten. Dit is mijn droomhuis. Het bestaat niet echt, zoals je ziet is hier een nachtwinkel. Maar in mijn dromen woon ik er bijna. Er is nog wel werk aan :-)
donderdag 8 maart 2012
Spooky
Dit verhaal vereist een beetje ruimtelijk inzicht, ik verwittig je maar ;-)
Ik had een huis gekocht in de Pothoekstraat in Antwerpen. Samen met mijn vader ging ik er tegenaan. Het was immers een oud vervallen krot en er was enorm veel werk aan. Tijdens de verbouwing merkten we een fout in de afmetingen van de woning. Ik weet niet meer waarom, maar we hadden de oppervlakte van het dak nodig. Mijn vader besloot van dat op het gelijkvloers te meten, want dat is immers hetzelfde. Het plat dak had enkele zwakke plekken, en het was niet helemaal veilig om over te lopen. De dakwerkers die het plat dak nog vervangen hadden voor ik het kocht, waren er op één plaats lichtjes doorgezakt, dat was ons ter ore gekomen. Ik kon trouwens binnen zien waar dat gebeurd was.
Dus pa ging meten. En we gingen ook kijken op het plat dak. De gevaarlijke plekken kenden we, en daar bleven we weg. Toch konden we wel een redelijk nauwkeurige meting doen. En die zat er telkens 12 vierkante meter naast. Het plat dak was twaalf vierkante meter groter dan de grondoppervlakte. We hadden rekening gehouden met de dikte van de muren, dus daar zat geen fout. We waren 12 m² gewoon kwijt! Hoewel we wisten dat het absoluut onmogelijk was, hebben we er niks verder mee gedaan.
Eén van de dakwerkers kwam langs het huis gewandeld. Hij sprak mij pa aan en zei dat ie het dak een jaar eerder had vernieuwd met enkele collega's. Mijn pa doet het verhaal over die 12 m² en de man moest erom lachen. Zij hadden exact hetzelfde meegemaakt! Om de oppervlakte van de roofing te berekenen, hadden ze de oppervlakte van het gelijkvloers genomen. En ze hadden dus een hele rol te kort. Toen zei de man dat ze een extra kamer hadden ontdekt in het huis. Het was een kleine kamer, een stuk van de traphal van de buren. Die kamer was volledig afgesloten, er was geen enkele toegang. Geen raam, geen deur, geen luik... niks !
Blijkbaar had de buurman jaren eerder een stuk van de woning overgekocht. De oude traphal van het huis. Hij wilde zijn huis naar achter uitbreiden en nam het gelijkvloers en de eerste verdieping van de traphal mee in zijn woning. Maar een tweede verdieping had zijn achterbouw niet, en hij vond het dan ook niet nodig om de tweede verdieping van de traphal af te breken. Hij zou dan immers het plat dak een stuk mee moeten afbreken en dat wou hij niet.
Wat goed dat we dit verhaal zijn te weten gekomen. Het plan van mijn pa was om een gat te kappen op het gelijkvloers omdat hij ervan overtuigd was dat er daarachter een ruimte van 12 m² moest zitten die we niet zagen. Ons dak was immers zo groot dus zijn redenering was juist. Hij vermoedde dus dat er een oude traphal achter zat tot de tweede verdieping. Goed dat we dat gat niet gekapt hebben, want dan zouden we in de keuken van de buren uitkomen.
Maar het hele idee van de verborgen kamer op de tweede verdieping was heel spooky. Wat als we er een lijk zouden vinden? Onze fantasie sloeg al op hol. We hebben uiteindelijk een gat gemaakt in de muur op de tweede verdieping en de kamer gevonden. Er was natuurlijk niks te zien en zoals verwacht was de vloer uitgebroken door de buurman. Maar de kamer was dus eigendom van de buurman. We hebben dat gat dichtgemaakt en er nooit meer iets mee gedaan.
Toen ik het huis verkocht aan een jong Marokkaans gezin zei de man dat hij de kamer wou gebruiken. Hij heeft ze inderdaad nu in gebruik. Hij heeft een gat in de muur gemaakt en nu is de spookkamer een gewone dressing geworden. En de buurman weet van niks.
Ik had een huis gekocht in de Pothoekstraat in Antwerpen. Samen met mijn vader ging ik er tegenaan. Het was immers een oud vervallen krot en er was enorm veel werk aan. Tijdens de verbouwing merkten we een fout in de afmetingen van de woning. Ik weet niet meer waarom, maar we hadden de oppervlakte van het dak nodig. Mijn vader besloot van dat op het gelijkvloers te meten, want dat is immers hetzelfde. Het plat dak had enkele zwakke plekken, en het was niet helemaal veilig om over te lopen. De dakwerkers die het plat dak nog vervangen hadden voor ik het kocht, waren er op één plaats lichtjes doorgezakt, dat was ons ter ore gekomen. Ik kon trouwens binnen zien waar dat gebeurd was.
Dus pa ging meten. En we gingen ook kijken op het plat dak. De gevaarlijke plekken kenden we, en daar bleven we weg. Toch konden we wel een redelijk nauwkeurige meting doen. En die zat er telkens 12 vierkante meter naast. Het plat dak was twaalf vierkante meter groter dan de grondoppervlakte. We hadden rekening gehouden met de dikte van de muren, dus daar zat geen fout. We waren 12 m² gewoon kwijt! Hoewel we wisten dat het absoluut onmogelijk was, hebben we er niks verder mee gedaan.
Eén van de dakwerkers kwam langs het huis gewandeld. Hij sprak mij pa aan en zei dat ie het dak een jaar eerder had vernieuwd met enkele collega's. Mijn pa doet het verhaal over die 12 m² en de man moest erom lachen. Zij hadden exact hetzelfde meegemaakt! Om de oppervlakte van de roofing te berekenen, hadden ze de oppervlakte van het gelijkvloers genomen. En ze hadden dus een hele rol te kort. Toen zei de man dat ze een extra kamer hadden ontdekt in het huis. Het was een kleine kamer, een stuk van de traphal van de buren. Die kamer was volledig afgesloten, er was geen enkele toegang. Geen raam, geen deur, geen luik... niks !
Blijkbaar had de buurman jaren eerder een stuk van de woning overgekocht. De oude traphal van het huis. Hij wilde zijn huis naar achter uitbreiden en nam het gelijkvloers en de eerste verdieping van de traphal mee in zijn woning. Maar een tweede verdieping had zijn achterbouw niet, en hij vond het dan ook niet nodig om de tweede verdieping van de traphal af te breken. Hij zou dan immers het plat dak een stuk mee moeten afbreken en dat wou hij niet.
Wat goed dat we dit verhaal zijn te weten gekomen. Het plan van mijn pa was om een gat te kappen op het gelijkvloers omdat hij ervan overtuigd was dat er daarachter een ruimte van 12 m² moest zitten die we niet zagen. Ons dak was immers zo groot dus zijn redenering was juist. Hij vermoedde dus dat er een oude traphal achter zat tot de tweede verdieping. Goed dat we dat gat niet gekapt hebben, want dan zouden we in de keuken van de buren uitkomen.
Maar het hele idee van de verborgen kamer op de tweede verdieping was heel spooky. Wat als we er een lijk zouden vinden? Onze fantasie sloeg al op hol. We hebben uiteindelijk een gat gemaakt in de muur op de tweede verdieping en de kamer gevonden. Er was natuurlijk niks te zien en zoals verwacht was de vloer uitgebroken door de buurman. Maar de kamer was dus eigendom van de buurman. We hebben dat gat dichtgemaakt en er nooit meer iets mee gedaan.
Toen ik het huis verkocht aan een jong Marokkaans gezin zei de man dat hij de kamer wou gebruiken. Hij heeft ze inderdaad nu in gebruik. Hij heeft een gat in de muur gemaakt en nu is de spookkamer een gewone dressing geworden. En de buurman weet van niks.
Abonneren op:
Posts (Atom)













